Op Iberisch avontuur in Spanje

Gebruikersavatar
Yohani
LROCB-Member
Berichten: 907
Lid geworden op: za 13 mar, 2004 14:15
lrocb_lidnr: 64
Woonplaats: Putte (Mechelen)
Contacteer:

Op Iberisch avontuur in Spanje

Ongelezen bericht door Yohani » do 11 jul, 2019 12:14

Op Iberisch avontuur in Spanje
Zaterdag 1 juni
Op deze zaterdagmorgen kan ik na nog een vroeg doktersbezoek dan toch beginnen aan mijn reis, 2 dagen later dan voorzien, maar beter laat dan nooit. De luchtpijp problemen die me al enkele maanden parten speelde, hadden zich de laatste maanden erger en erger gemanifesteerd zodat er een ziekenhuisopname aan te pas kwam en het gebruik van een CPAP om verlichting te brengen. Dit laatst had een goed resultaat, doch de zware medicatie gooide de dag voor afreis nog roet in het eten, opgezwollen benen en voeten zorgden ervoor dat de hele reis nog zou kunnen komen te vervallen. Gelukkig bracht water afdrijvende medicatie soelaas, en kan ik dus vandaag alsnog starten, met 2 dagen vertraging op de planning en een CPAP die mee gaat voor onderweg.

Het is een prachtige dag en dus gaat vanaf de start het zijraampje open en de arm op de deursponde. Tot 27°C wordt er beloofd en geen wolkje aan de lucht. Ook op de weg is het erg rustig dit verlengde weekend, zelfs op de Brusselse ring is er vlot verkeer. Niet veel te beleven dus, afgezien van enkele wegenwerken, die er ook al niet in slagen van een file te creëren. Eens de grens over en Frankrijk binnen wordt het afwachten of het télépeage ontvangertje werkt, zo ver onder de oversteek van de bovenslaper, tegen het raam geplakt. Dat blijkt na een kleine aanpassing wonderwel het geval, en ik kan verder bij elke peage gewoon op een rustig tempo doorrijden zonder kaarten of kleingeld boven te halen. Op de périphérique van Parijs speelt de GPS even met mijn voeten en stuurt me een buitenwijk in, gelukkig maar enkele 100-den meters, alvorens me terug op het juiste pad te brengen. Nu maar hopen dat dat geen LEZ zone was. Eens goed en wel Parijs achter me gelaten zoek ik een parking op voor een korte lunch, dat blijkt nog moeilijker dan verwacht, want al sinds het binnenrijden van Frankrijk zijn de meeste parkings afgesloten voor renovatie. Alleen deze met een benzinestation zijn gewoonlijk nog beschikbaar, maar natuurlijk erg druk bezet.
Afbeelding
Ik vind echter al gauw een plekje waar ik rustig kan lunchen en mijn arm eens goed kan insmeren met zonnecrème, want die ziet al goed rood! Na dit korte intermezzo gaat het dan weer verder, het warme weer en de verkeersluwte zorgen ervoor dat het oppassen geblazen is om niet weg te doezelen, ik zorg dan ook dat ik een fris drankje bij de hand heb en als het toch te zweverig begint aan te voelen stop ik op een parking met heerlijke schaduwrijke plaatsen om even een wandelingetje rond de camper te maken, de benen te strekken en een frisse neus te halen en dan kunnen we weer opgefrist verder. De kilometerteller knaagt gestaag aan de afstand tot in Tours, nog enkele tientallen kilometers verder in Sainte Maure de Touraine verlaat ik de snelweg en rijd naar de Camperparking van Le Bois Chaudron. Hier kan ik overnachten voor 4€ voor de camper met 2 personen + 2€ voor de elektriciteit. Er zijn echter maar 2 elektriciteitszuilen en daar hebben de aanwezige campers zich al rond genesteld. Enkele sympathieke Franse motorhomers laten me echter tussen hen in schuiven zodat ik vannacht elektriciteit heb voor de CPAP. Het is vandaag zo vlot verlopen dat het nog maar 17u00 is en dus zet ik maar een stoeltje buiten om nog wat van het mooie weer te genieten en alvast nog wat in te lezen over mijn bestemming van morgen.
Zondag 2 juni
Afbeelding
Na een heerlijk rustige nacht verwelkomt de zon me deze morgen opnieuw met volle kracht. Na douche en ontbijt nog even de camperplaats afrekenen bij de man die een oude Fordson tractor aan het restoreren is, en dan weer de autosnelweg op. Was het gisteren al rustig op de baan, vandaag komt er daar nog bij dat er weinig of geen vrachtwagens rijden. In de tegenovergestelde richting echter is het een stuk drukker en daar zijn er zelfs regelmatig opstoppingen en files te zien. Een eerste stop om even vol te tanken met dure diesel aan 1,6€/l en een tijdje later nog eens om de benen te strekken. Rond 13u00 dan een korte lunchstop en dan weer verder richting Spanje. Ook deze namiddag draai ik nog even een parking op voor een rustpauze, maar dat blijkt niet veel meer dan een open betonnen vlakte, en dus rijd ik maar weer de autosnelweg op. De gemiste rustpauze neem ik dan alsnog na de tweede tankbeurt van de dag.
Afbeelding
Voorbij Bordeaux lijkt het even drukker te worden, maar algauw is het weer vrij baan, en dat blijft ook zo, zelfs wanneer ik de kust begin te naderen. Voorbij de afslag van Biarritz gaat het dan naar St. Jean de Luz en tenslotte naar de Spaanse grens, ik bevind me ondertussen al tussen de voordien aan de horizon verschenen bergen. De temperatuur is nu ook wat aangenamer geworden en de zon brand niet zo hard meer door wat sluierbewolking. Mijn camping van vanavond bevindt zicht een 10-tal kilometer van de stad San Sebastian, een kronkelende weg voert door de beboste heuvels naar een kleine, eveneens beboste, vallei waarin de Camping Igara gevestigd is. Veel trekkersplaatsen zijn er hier niet, het zijn vooral vaste bungalows en hutjes, en de plaatsen zijn niet erg groot, maar het sanitair is tiptop in orde en er is zelfs een zwembad en een restaurant ter plaatse. Ik betaal de 16€ stageld en geniet na deze lange warme dag van het nog frisse openlucht zwembad. Rond 20u00 is het dan tijd om me naar het restaurant te begeven. Een halve kip met frietjes, roquefortsaus en een biertje ronden de maaltijd af. Ik besluit van het niet te laat te maken, de camper is ondertussen goed afgekoeld door de frisse zeelucht, precies goed om te slapen.

Maandag 3 juni
Om een of ander bizarre reden heb ik in mijn planning geen bezoek aan de stad San Sebastian voorzien, nochtans blijkt het uit de verhalen die ik rondom mij hoorde tijdens het avondeten, best een leuke stad en dat vooral aan de waterkant. Dus ben ik na alle ochtendrituelen opgekrast en naar de stad gereden, ik vind een betalende parkeerplaats aan de voet van Monte Urgull, de heuvel die getooid wordt door een kasteel. Ik wandel rond de berg en krijg daarbij zowel zicht op alle 3 stadsstranden met onder andere het Playa de la Concha, het favoriete strand van Koningin Isabella II, waaraan ook het Palacio de Miramar gelegen is dat zij hier liet bouwen, maar eveneens ook op de haven en de oude stad. Door die oude stadskern wandel ik een stukje door om bij de Barokke Santa Maria kerk uit te komen. Nog even de hoek om en ik ben weer bij de camper. Over het water van de baaien heen heb ik ook nog uitzicht op de 2 andere heuvels die de stad kenmerken, de Monte Igueldo waarop zich een pretpark bevind, bereikbaar met een kabelbaan, en de Monte Ulia.
Afbeelding
Mijn route brengt me vandaag weg van de kust, de bergen over van de Baskische regio naar Navara. De weg is verbazend druk, vooral veel vrachtwagens die deze route lijken te nemen. Ik moet helemaal terug naar de Franse grens, alvorens de weg echt de bergen in draait. In principe maken deze deel uit van de Pyreneeën, maar hier zijn het nog niet de indrukwekkende rotspartijen van meer naar het binnenland. Hier vooral veel groen in de vorm van bossen en naarmate ik in het binnenland achter de bergen kom, meer en meer landbouw en wijngaarden. Bij die wijngaarden horen de onvermijdelijke Bodega’s en aan de afmetingen en de aard van de villa-achtige gebouwen, boeren ze zeker niet slecht! Het lijkt wel of ze tegen elkaar opbieden qua afmetingen en pompeusheid. De eerste stop hier wordt Pamplona in het Spaans of Iruña in het Baskisch, bijna elke stad heeft tegenwoordig de beide benamingen die lustig door elkaar gebruikt worden, sommige namen lijken nog op elkaar maar anderen helemaal niet om het helemaal moeilijk te maken. Eerste zorg is een parkeerplaats vinden voor de camper, dicht genoeg bij het centrum. Overdekte ondergrondse parkings genoeg, maar daar kan je met een camper van een slordige 3m hoog niet terecht. Wanneer ik eindelijk een vrij plekje vind, blijkt dit maar beperkte uren beschikbaar en daarbuiten alleen voor de buurtbewoners. Ik neem toch maar het risico om het park en enkele fraaie gebouwen en een brug in de omgeving te verkennen. Vervolgens doe ik nog een keer hetzelfde dichter bij de kathedraal en het Plaza del Castillo om die te bezoeken.
Afbeelding
Daarmee heb ik het wel gehad in de stad en verlaat deze op weg naar Puenta la Reina, het landschap blijft licht glooiend en ligt te blakeren onder een gouden zon. De Iglesia de Crucifijo ligt in het oude centrum van Puenta la Reina, smalle straatjes die door de hoogte van de in natuursteen gebouwde huizen de fel gegeerde lommerte bieden. Het lijkt wel of de huisjes en de kerk samengesmolten zijn tot één geheel, een klomp met enkele nauwe tunnels erin. Dat maakt het natuurlijk wel een uitdaging om te fotograferen. De meeste van die straatjes zijn dan ook autovrij, simpelweg omdat er geen auto in past… . Mijn camper staat geduldig op mij te wachten langs de doorgaande weg die het oude stadsgedeelte scheidt van het recentere deel. Die paar honderd meter zijn gauw overbrugt en even snel ben ik op weg naar Estella. Hier vind ik een gratis parking in de buurt van het busstation. Een imposant gebouw dat naast busstation ook nog een cafeetje met terras herbergt. Alvast een goed herkenningspunt om straks de camper terug te vinden. Een korte wandeling brengt me naar het oude centrum, het wordt al snel duidelijk dat die oude stadsdelen overal een beetje van hetzelfde stramien zijn, in natuursteen gebouwde huisjes met vele balkonnetjes voorzien van smeedwerk en de nodige bloembakken. Nauwe steegjes die een ware doolhof vormen, houten poorten waarachter een klein halletje de toegang geeft tot de echte voordeur en opvallend weinig vervallen of verkommerde huizen. Op enkele gespecialiseerde zaken zoals een beenhouwer of bakker na, bieden de meeste winkeltjes een heel gamma aan waren, de kruidenierswinkeltjes zoals je die ook vroeger in onze contreien vond. Naast het oude centrum heeft Estella ook weer 2 kerken te bezichtigen, bij eentje houd ik het op een foto van ver, gezien deze zich op een heuveltop bevind, bij de andere komen er ook wel een stel trappen aan te pas, maar blijft het doenbaar. De kerken die vrij plomp en robuust gebouwd zijn, lijken op het eerste zicht eerder een functie van beschermende burcht gehad te hebben, pas bij het binnen kijken valt hun rijkdom op. Via Maps.me vind ik de geparkeerde camper na de wandeling weer zonder veel proberen terug.
Afbeelding
Eindbestemming voor vandaag is de Camping La Playa van Logroño, een beetje misleidend van naam, gezien er in de verste verten geen strand of zee te bekennen is. Water is er wel in de vorm van een rivier, met op de andere oever het centrum van Logroño. De dame van de camping gaf me na het inchecken, in het Nederlands, nog wat informatie van hoe naar de stad te wandelen en de dichtstbijzijnde restaurants. Na even twijfelen besluit ik toch de stad nog vanavond te bezoeken. Op mijn planning stond alleen de Cathedral Santa Maria de la Redonda als bezienswaardigheid van deze stad vermeld. Maar daarmee zou je de stad tekort doen. Het is eveneens een leuke stad om in rond te slenteren of een terrasje te doen. En daartoe laat ik me dan ook verleiden, met een glaasje cava om op mijn beurt wat toeristje te kijken. Eén ding waaraan je hier wel moet wennen, is de vrij ruwe manier van bediening, heb ik al gemerkt. Alles wordt op de tafel gekwakt, een beleefdheidsfrase komt er niet aan te pas, en men graait eveneens snel leeggoed weer weg. Na de welverdiende cava met zicht op de beruchte kathedraal, wandel ik opnieuw richting camping, via enkele andere straatjes, maar terug over de voetgangersbrug die me over de rivier brengt. Het is ondertussen 9u30 als ik aan het restaurant aankom om te eten, voor een Spanjaard niets abnormaal want die zie je niet aan tafel voor 9u00 ’s avonds. Ik kies voor een Foie Gras, gevolgd door een Churasco Argentino. Het voorgerecht was erg lekker, maar de Churasco was meer vet en pezen dan vlees en dus niet echt mijn ding. Uiteindelijk is het 11u00 tegen dat ik terug op de camping ben. Het reisverhaal zal nog een dagje moeten wachten, want daar begin ik vandaag niet meer aan.
Dinsdag 4 juni
Afbeelding
Gezien mijn uitstapje van gisterenavond, kan ik meteen vertrekken zonder nog de stad te bezoeken, nog meer dan gisteren domineren grote wijndomeinen het landschap, wijngaarden strekken zich uit zo ver het oog kan zien, af en toe onderbroken door een korenveldje. Ook de Bodega’s zijn weer alomtegenwoordig, nog grootser dan gisteren lijkt wel, maar dit is dan ook de streek van de befaamde Spaanse Rioja’s. Het dorpje Laguardia waar ik halt houdt is daar ook voor bekend. Een ritje door het centrum maakt al gauw duidelijk dat een parkeerplaats hier een luxe is, doch er is een waardig alternatief beneden het dorp, waar ampele parking beschikbaar is, en met een lift die je vervolgens moeiteloos naar het centrum brengt. Het dorp zelf is voor mij een aangename verrassing, als aantrekkingskracht voor mij golden de wijnproeverijen die in de oude stadsmuren ingebouwd zouden zijn. Doch het gehele oude centrum is opnieuw een compact geheel, waarbij de stadsmuren tevens dienst doen als de muren waartegen en waarbinnen het dorp gebouwd is. De leuke straatjes kronkelen er doorheen als in een doolhof, wanneer de poorten gesloten werden, moet dit een bijna onneembare vesting geweest zijn. Nu worden de muren slechts belegerd door bloementuinen en het wekelijkse marktje. Ik breng er wat langer door dan eerst voorzien en sla tevens een voorraad kersen in als tussendoortje.
Afbeelding
Na dit intermezzo gaat het richting Briones, ik houd nog even halt bij een dorpje waar een kasteelruïne en versterkte kerkburcht boven het dorpje uitpriemen. De route loopt driekwart rond het dorp en ik krijg dus alle tijd om het te bewonderen. In Briones is het niet zo duidelijk waar de kasteelruïne zich bevindt, het lijkt me hier wederom meer een versterkt dorp dan een echt kasteel. Bedoeling is om hier het Museo Dinastia Vivanco te bezoeken, een wijnmuseum. Doch wanneer ik het luxedomein oprijd had ik al onraad moeten ruiken, terwijl ik op mijn beurt wacht om het toegangsticket te kopen zie ik op een infobord de mogelijke opties verschijnen met hun prijs. Van 95€ met maaltijd en vinoteca inbegrepen, over 75€ en tenslotte 23€ om het museum (gratis) te bezoeken, met ondeelbaar de bodega met geleid bezoek en zonder twijfel eindigend in de verkoopzaal waar proeverijen en verkoop hand in hand gaan. Ik bedank er voor en keer op mijn stappen terug. Mijn planning voert me nu door het Parque Natural Montes Obarenes San Zadorni richting Burgos. Deze hoofdstad van de regio kondigt zich aan met een groene boulevard naast de rivier die de binnenstad afscheid van de rest, ik kan er alvast de camper gratis kwijt, waarna het een korte wandeling tussen de schoolgaande jeugd wordt naar de erg imposante toegangspoort van de stad.
Afbeelding
Geflankeerd door twee torens en voorzien van een waterval aan ornamenten, maakt de poort een onvergeetbare indruk. Wat een entree ! Op het plein er achter lokken terrasjes de mensen voor een drankje of een hapje, gezien ik de lunch overgeslagen heb, besluit ik voor een paella de marisco in tapas formaat te gaan (een beetje kleiner dan het normale lunchformaat dus, maar even smakelijk. Dan is het tijd voor een bezoek aan de kathedraal van Burgos die kan wedijveren met de andere grootste kathedralen van Spanje en Frankrijk, de achtereenvolgende architecten gingen dan ook eerst hun ideeën opdoen bij die bouwwerken. Na de aankoop van het ticket krijg ik een Engelstalige portofoon in mijn handen gestopt, die bij elke zaal de nodige info geeft en nog wat extra als je daar de nood toe voelt. Ik van mijn kant kan niet het constante gevoel onderdrukken dat deze uitgestalde rijkdommen in marmer, met bladgoud bedekte ornamenten, en dure schilderijen en wandtapijten van kunstenaars van over de toen bekende wereld (waaronder heel wat uit Vlaanderen), allen bekostigt zijn van de geroofde schatten uit Zuid-Amerika, waar de lokale bevolking geknecht en vermoord werden. Dit alles onder goedkeurend oog van koningen en religieuzen. Na dit langer uitgelopen bezoek dan voorzien, blijft er nog wat tijd over om door de stad te wandelen. Het valt onmiddellijk op dat hier een heel andere bouwstijl gebruikt werd dan deze die ik in de vorige dorpen en steden zag. Misschien dateert het van een ander tijdperk, maar hier valt het uitbundig gebruik van erkers in hout en glas erg op. Hele gevels zijn ermee bedekt, van het eerste verdiep tot het dak, waardoor het lijkt of ze een extra façade hebben.
Afbeelding
Ik verlaat nu de vlakte en rijd door bergachtiger gebied, de weg slingert zich rond rotspartijen en langs berghellingen en al gauw duiken de canyons van de Ebro op. Het landschap wordt nu echt schilderachtig en de fotostops rijgen zich aan elkaar. Jammer genoeg draait ook het weer om. Grijze wolken verdringen zich aan de blauwe hemel, de temperatuur daalt scherp en de eerste regendruppels vallen. Het landschap maakt dat alles echter meer dan goed, langs en door canyons bereik ik via kronkelende wegels, soms maar zo breed als de camper, Pesquera de Ebro. Een eerste passage door het dorp en over de smalle stenen boogbrug, leert me dat de gezochte parking zich even buiten het dorp bevind en dus keer ik naar daar terug. Ik sta hier helemaal alleen, en verwacht niet dat er nog andere campers bijkomen. Ik warm even een maaltijd uit blik op en begin daarna aan mijn hopeloos achterop geraakte reisverhaal. Doch even later komt er door de regen een busje aangereden, waarvan de chauffeuse mijn aandacht vraagt, door de regen komt ze enthousiast naar me toe, complimenten gevend over mijn camper. Ik kan er niet onder uit om alles een keertje te laten zien en nadien ontspinnen er zich nog verhalen over Spanje, zijn bevolking en wat nog meer. Pas na 23u00 houdt ze het voor gezien, doch niet zonder me te laten beloven van Orbaneja del Castillo te bezoeken morgen. Volgens Patricia, die hier in Pesquera haar huisje heeft, een niet te missen plaatsje hier langs de Ebro rivier. En zo blijft het reisverhaal weer een dagje liggen… .
Afbeelding
Woensdag 5 juni
Na een nacht met veel regen lijkt het ook vanmorgen nog niet te beteren, het is wel droog maar er hangt een dreigende lucht zonder een spiertje blauw. Een heilzame warme douche haalt al snel de sombere gedachten over het weer weg en als ik na het ontbijt even te voet op verkenning ga in Pesquera de Ebro, blijft het zowaar droog. Op dit uur lijkt het dorpje wel uitgestorven, alleen de deur van het café staat open en daar zijn de eigenaars aan het opruimen. Terug bij de auto besluit ik niet op Patricia te wachten, maar vertrek alvast richting Orbaneja del Castillo, niet zonder echter te stoppen bij de Mirador del Ebro, waar enkele wandelpaadjes toegang geven tot geweldige uitzichtpunten over de canyon. Ook de rest van de route is meer dan de moeite waard, over de kronkelige smalle bergwegels, die er trouwens fantastisch bijliggen, alsof ze maar net geasfalteerd zijn. Meerdere fotostops dringen zich op en zo is het kwart voor 11 wanneer ik in Orbaneja aankom. Patricia heeft niets te veel gezegd, het dorpje ligt tegen de berghelling aangeplakt met in het midden een rustig klaterende waterval, die door bemoste rotsen heen slingert en kraakheldere poeltjes vormt. Boven het dorp krult een overhangende rots als een beschermend afdak boven het dorp. Ik ben maar net uit de camper wanneer Patricia en haar hond Mozart ook komen aangereden. We spreken boven in het dorpje af, voor de verrassing die ze nog heeft. Terwijl ik via de trappen het dorpje betreed, rijdt zij met haar bestelbusje verder. Vreemd dat ik dit niet in de reisgidsen terug vond, want er bevinden zich hier maar liefst 4 parkings voor de toeristen en een aparte busparking!
Afbeelding
Eens boven in het dorp vind ik Patricia en Mozart terug bij een houten kiosk die de toegang vormt tot de Cueva del Agua, en blijkt zij de gids hiervan te zijn. Ik mag de luttele 2€ toegang niet betalen omdat ik door haar uitgenodigd ben, en koop ter compensatie dan maar een gidsje met bezienswaardigheden van de omgeving voor de prijs van 1€. Er voegt zich nog een betalend koppel bij ons en even later wandelen we het korte stukje naar de grot. Onze gids had al uitgelegd dat de grot tot 18km lang is, maar dat is grotendeels het terrein van geologen, die dan ook delen moeten zwemmen. Wij zullen slechts een 100-tal meter in de grot gaan, en dit kan alleen in de late lente, zomer en herfst. De andere maanden kan het water tot halverwege het plafond staan en ontstaan er door de vorm van de grot en verschillende aanvoerkanalen draaikolken, die op hun beurt bij genoeg waterdruk door de gang die wij nu volgen naar buiten wordt gejaagd. Hierdoor zijn er hier amper stalactieten en al helemaal geen stalagmieten te vinden. Hoe groot de druk in deze doorgang wordt valt te merken aan de gesculpteerde figuren in de rotsbodem, waaruit je de loop van het water kan uitmaken. Achteraan in de grot merken we dan voor het eerst het geluid van kolkend water op en vervolgens zien we ook het riviertje, dat bij lage waterstand via spleten in de rotsen de waterval buiten van water voorziet. In de natte periode is de vredige waterval dan een brullend monster dat met knallen door samengeperste lucht in de grot aangeeft dat de vloedgolf eraan komt. Na de rondleiding in de grot, wijst Patricia me nog hoe ik via een wandelpad in 10 minuutjes een richel hoog boven het dorp kan bereiken, juist onder de als een brekende golf krullende rotswand. Het panorama over het dorpje en de tegenoverliggende rotswand, met indrukwekkende rotspartijen liegt er niet om. Zeer de moeite waard inderdaad. Ik bedank Patricia Sevilla (zoals de stad) dan ook hartelijk voor de uitnodiging en begin dan aan de planning van vandaag.
Afbeelding
Tijdens dit hele intermezzo is het zonnig geworden, maar terwijl ik nu in grove lijnen de loop van de Ebro rivier volg naar het Embalse de Ebro, trekt de hemel weer dicht. Ik zoek een plekje niet te ver van de oever van het meer voor de lunch. Wanneer de zon even door de wolken komt piepen, haast ik me om een foto te maken van het meer. Wie dacht dat daarmee de kous af was qua verbluffende panorama’s, heeft het mis. Ik rijd van bergpas naar bergpas, steeds weer in lange slingers langs de hellingen en afdalingen van de bergwanden, met wondermooi prentbriefkaart scenario’s waar je na elke bocht weer zou kunnen stoppen voor foto’s of film. Ik heb er te laat aan gedacht om de action Cam boven te halen en de route te filmen, het zou best kunnen dat dit van de mooiste wegen zijn die ik deze reis tegenkom, al zou Spanje me op dat punt nog kunnen verrassen. Erg hoog zijn de passen niet in vergelijking met wat ik de vorige jaren in Zuid-Amerika meegemaakt heb, slechts een luttele 1000m, maar in schoonheid moeten ze niet onder doen. Naast de puertos zoals de passen hier genoemd worden zijn er ook nog tal van watervallen te bekijken, die onze pietluttige Watervallen van Co doen verbleken tot een miezerig druppelende kraan. De enige tegenvaller vandaag is het Monumento Natural de Ojo Guareña in Quisicedo, waar ik niets anders vind dan een parking met picknickplaatsen en een interpretatie bord waaruit ik zelf niet kan opmaken wat dit nu eigenlijk inhoud. Er staat vooral informatie op over de wandelingen die je in de buurt kan maken.
Afbeelding
Zelfs het overwegend grijze weer met natte uitspattingen heeft de stemming niet kunnen drukken, af en toe droeg het zelfs bij tot de indrukwekkende sfeer die het landschap uitstraalde. Of het nu spectaculaire rotspartijen waren of bergen die geheel uit mos leken te bestaan, de laaghangende bewolking voegde er soms zelfs iets mystieks aan toe. Weinig bewoning hier ook, maar wel vele weiden afgebakend met stenen muurtjes zoals je ze ook in Ierland terug vind. Bruine koeien en paarden lijken hier wel te aarden. Verder wel wat oude stenen gebouwen die me echter eerder stallen lijken te zijn en af en toe dan toch een dorpje, meestal in een dal. Eén van deze dorpjes wordt mijn stopplaats voor vannacht: in Lanestosa heb ik tijdens het plannen een camperplaats gevonden, waar faciliteiten als zwart- en grijswater lozen, drinkwater innemen en elektriciteit voorhanden zijn. Het water lozen en vullen gratis, de elektriciteit betalend aan 5€ voor 24u, met douche is het dan 8€, maar die heb ik in de camper. Je moet bij één van de handelaars in het dorp gewoon de kaart afhalen, en de prijs + een waarborg van 5€ betalen. Jammer genoeg is het dichtstbijzijnde restaurant op meer dan een kilometer van de camperplaats en dus maak ik mezelf een spaghetti klaar. Eindelijk ook wat tijd om het reisverhaal aan te vullen. Om 4u ’s morgens nog een nare verrassing: de beloofde 24u elektriciteit blijkt een utopie in mijn geval en zelf een moedige daad om de kaart aan de elektriciteitskast te houden bij nacht en ontij verhelpt hier niet aan. Geen idee of dit bij mij alleen het geval was en dus éénmalig, gezien er verder geen campers aanwezig waren. Voor die luttele 5€ maakt het me niet uit, doch vervelend was wel dat de CPAP uitviel tijdens de nacht.
Afbeelding
Eigen websites: Reiswebsite; http://www.yohani.be/reizen/ Zelfbouw camper; http://www.yohani.be/campersite/

Gebruikersavatar
Yohani
LROCB-Member
Berichten: 907
Lid geworden op: za 13 mar, 2004 14:15
lrocb_lidnr: 64
Woonplaats: Putte (Mechelen)
Contacteer:

Re: Op Iberisch avontuur in Spanje

Ongelezen bericht door Yohani » do 11 jul, 2019 13:15

Donderdag 6 juni
Vanmorgen de kaart ingeleverd en de waarborg teruggekregen, over de elektriciteit heb ik niets gezegd want daar kunnen de mensen van de bar toch niets aan veranderen. De vuilwatertank en toilet cassette zijn leeg, het drinkwater terug aangevuld, dus we kunnen er weer tegen. Eerste halt vandaag is het dorpje Balmaseda, waar naast de gewone huizen in het centrum ook enkele mooie gebouwen staan zoals het Ayuntamiento en het Palacio Horastios, beiden van buiten te bezichtigen, behalve in het eerste waar ook het Museo Historia de Balmaseda gevestigd is. Het blijkt een éénkamermuseum te zijn en niet zozeer over de stad zelf te gaan alswel over een soort heilig bloed processie die er jaarlijks gehouden wordt met tal van figuranten in periodieke kostuums. Het zijn vooral deze kostuums die er gepresenteerd worden op paspoppen met enkele foto’s en zelf filmpjes erbij van vorige rondgangen. Zo zijn er Romeinse legerkostuums, Oosterse kostuums en dan de “gewone” alledaagse kledij van die tijd. Daarnaast zijn er ook nog wat religieuze relikwieën, waarvan het me niet duidelijk is of ze bij het museum horen of met het gebouwen kwamen. Een ander opvallend gebouw is de kleuterschool die in wat een oud paleis lijkt, gevestigd is. Op het ommuurde plein ervoor is het een enorm gejoel want het is blijkbaar juist speeltijd. Grappig is wel dat ze allemaal dezelfde rode petten dragen, soms nog enkele maten te groot.
Afbeelding
Ik zet mijn weg voort naar Bilbao waar ik vrij makkelijk een betalende parkeerplaats naast de baan vind, op nog geen 100 meter van het Museo Guggenheim, een extreem modern vormgegeven gebouw dat je waarschijnlijk fantastisch vind of aards lelijk, met weinig nuances ertussen in. Ik kom alleen om het gebouw te bekijken want op reis bezoek ik nooit museums van moderne kunst. Zeker zo genietbaar is de promenade die langs de oever van de rivier loopt en tevens een groene strook vormt tussen de twee stadsdelen, die met elkaar verbonden zijn door knappe moderne bruggen. Op de andere oever staan enkele prachtige oude gebouwen die deel uitmaken van de oude stadskern, daar wil ik later ook nog naartoe. Maar eerst even lunchen met een broodje met Iberico ham en vers fruitsap. Rondom het Guggenheim museum hebben er ook verschillende straatmuzikanten plaats gevat waaronder een accordeonist en een panfluitspeler, maar veruit het merkwaardigste zijn drie vormloze klepperaars die ritmische melodietjes bovenhalen telkens er mensen voorbijkomen. Naar ik vermoed zitten er onder de drie kleurige doeken gewoon mensen, maar wat een uithoudingsvermogen, want ik herinner me het geklepper al gehoord te hebben toen ik uit de camper stapte en ook terwijl ik rond het gebouw wandelde en lunchte. Na de lunch wil ik dit toch eens van dichterbij bekijken, maar dan lost het mysterie van zichzelf op, vanonder de 3 kleurige doeken komen een vrouw en 2 mannen tevoorschijn, die dus constant met hun arm en hand boven het hoofd zaten te klepperen met houten instrumenten. Heel mooi gedaan, dat wel.
Afbeelding
Na de lunch wandel ik de andere kant uit langs de rivier richting het Parque de Doña Casilda de Iturrizar met beelden, fonteinen en half overgroeide Moors aandoende galerijen die heerlijk veel schaduw bieden. Ook enkele gebouwen achter het park, voornamelijk hotels, zijn zeer fotogeniek. Ik ken de bouwstijl dan wel niet maar het is er eentje met overdadig veel versieringen. Terug bij de camper is het tijd om me te verplaatsen naar een parkeerplaats dichter bij het oude centrum, doch dat blijkt een moeilijke opgave en tenslotte kan ik de camper pas kwijt een brug verder, op de andere oever dan het museum, al bij maar een paar honderd meter verder dan waar ik eerst stond. Dat betekent verder wandelen om de oude stad te bereiken, en tot bij de kathedraal raak ik zelfs niet. Maar niet getreurd, kerken genoeg hier in Spanje en bovendien nog heel wat andere rijk versierde gebouwen die spreken van grote rijkdom in koloniale tijden. Wat me ook opvalt zijn de vele speeltuinen die er overal te vinden zijn, of je nu in een grote stad bent of in een dorpje, overal heb je goed verzorgde en rijk uitgeruste gratis speeltuinen. Opnieuw heb ik de tijd die ik spendeer in een grote stad onderschat en dus zal de aankomst op de camping weer niet vroeg zijn. Mijn route voert me nu langs de zee, met vele stranden die vooralsnog bijna leeg zijn. Toch rijdt en loopt er hier heel wat volk rond, dus in de zomerperiode is het waarschijnlijk over de koppen lopen.
Afbeelding
In Castro Urdiales heb ik naast een mooi panorama over de zee en het strand tevens zicht op de ruïne van het bastion en de vuurtoren op een schiereiland in de baai, dichterbij komen wordt een hele toer en dat houd ik dus maar voor gezien. Staat in mijn planning Santander als stopplaats, de erbij vermelde camping annex camperplaats, blijkt er toch nog een 25km voor te liggen in Somo. Het mooi onderhouden aparte terrein voor de campers heeft elektriciteit en afvalwater-en drinkwater voorzieningen en voor de rest zoals het restaurant en sanitair kan je op de camping ernaast terecht. Eigenlijk is dit beter dan de camping, want die staat zoals zo vaak hier in Spanje vol met bungalows met af en toe een plaatsje ertussen. In het restaurant kies ik voor rijst met zeevruchten zoals men het hier noemt, maar wat in feite een erg lekkere paella met zeevruchten is. En in tegenstelling dan deze eerder op de reis in tapasversie, heeft deze alles erop en eraan, van mosselen en schelpen over 2 grote scampi’s en heel wat inktvis erbij. Afsluiten met een koffieflan en dan tijd om terug te keren naar de camper. De vermoeidheid is er een beetje ingeslopen en dus maar meteen naar bed het is alweer 22u30 gepasseerd.
Vrijdag 7 juni
Afbeelding
Alweer de laatste dag van mijn eerste week! Ook vanmorgen staat er weer een stad op het programma, namelijk Santander, het heeft wat voeten in de aarde om de camper in een nauwe parkeerplaats te wurmen eens de 25km overbrugd, maar uiteindelijk lukt het wel. De parkeerautomaat staat trouwens handig dicht naast de auto. Ik heb me voorgenomen toch wat meer op de tijd te letten en dus op tijd terug te keren, mijn parkeerticket loopt trouwens maar tot 12u52 en de parkeerwachters zijn hier heel erg actief met controles! Opnieuw wandel ik langs de oever van een rivier, en ook hier weer is het oude havengebied omgetoverd tot een hype buurt. Langs beide zijden van de drukke boulevard staan er imposante gebouwen, opnieuw met veel tierlantijntjes, eentje ervan is het postgebouw, en daar kunnen ze bij ons nog een puntje aan zuigen! Een ander gegeven is dat er hier veel te veel juwelenzaken zijn en dat doet pijn aan de portemonnee! Ik steek de boulevard over om de gebouwen en steegjes aan de andere kant te verkennen. Zo dwaal ik rond tot het bijna tijd is om naar de camper terug te keren. Dat doe ik via een plein dat rondom voorzien is van bogen voorziene galerijen op zijn Moors blijkbaar. In het zicht van de camper beslis ik nog een snelle lunch te nemen op een terras, maar het wordt nog een gevecht tegen de tijd om de nogal groot uitgevallen sandwich op tijd binnen te spelen. 5 minuutjes later dan de voorziene parkeertijd ben ik klaar om verder te rijden.
Afbeelding
Op de heenweg hier naartoe had ik al de mogelijkheid om het Palacio de la Magdalena te fotograferen, en ik heb geleerd van zo’n kans niet voorbij te laten gaan, want daar krijg je spijt van. En maar goed ook want het ganse schiereiland met het paleis blijkt alleen te voet bereikbaar te zijn, en het paleis ligt natuurlijk aan de andere zijde, waardoor ik het eerder zag van de overkant van de baai. De tijd ontbreekt me helaas om hier nog enkele uren rond te zwerven. Eens de stad uit gaat het richting Museo Cueva de Altamira. De echte Altamira grot, die trouwens op het grondgebied van het museum ligt en waarvan je de met een hekwerk afgesloten ingang kan bewonderen van op afstand, kan al lang niet meer bezocht worden door de doorsnee burger. In plaats daarvan is er in het museum naast de doorlopende expositie over het leven ten tijde van de prehistorie, la Nueva Cueva de Altamira gemaakt, een kopie van hoe de grot er 15000 jaar geleden zou uitgezien hebben, dat begint met hoe de oorspronkelijke ingang eruit zou gezien hebben (veel opener dan nu het geval is) en met de uitleg in welke aardlagen de archeologen welke voorwerpen gevonden hebben.
Afbeelding Afbeelding
Naarmate je verder in de grot gaat worden de gebruikte technieken uitgelegd en in het achterste gedeelte, zoals in de echte grot, is er dan een exacte kopie van de plafondschilderingen, maar ook van het reliëf van de rotsen en spleten en barsten. Dit omdat de originele auteurs van die werken, soms slim gebruikmaakten van deze zaken om bepaalde accenten te leggen, een zwanger dier bijvoorbeeld door een uitstulping in de rotswand. Net als in de grot bevinden de tekeningen zich dus op het plafond van de grot en niet op de muren en werden verschillende technieken gebruikt zoals houtskool omlijning, polychrome tekeningen, gekraste tekeningen en bovendien uitgespreid over een periode van 35000 jaar geleden tot 13000 jaar geleden. Ondanks het feit dat je weet dat het “maar” een kopie is, blijft het toch wel de moeite waard. Foto’s zonder flash zijn er toegelaten, met flash of filmen niet.
Afbeelding
Dit bezoek betekent wel dat het al late namiddag is en ik nog maar een goede 50km afgelegd heb van de voorziene 212km. Ik werk mijn planning verder af en zal wel zien waar ik uitkom, normaal zou dit niet zo’n probleem zijn, maar deze reis loop ik sowieso al 2 dagen achter, door de gezondheidsperikelen, en die ga ik nog ergens moeten schrappen in mijn programma. Enkele kilometers van Altamira stop ik in Santillana del Mar een dorpje gans in oude bouwstijl met als speerpunt het Colegiata Santa Juliana. Ik beperk me tot een wandeling door het dorpje en rijd dan verder naar Comillas. Daar staat het Palacio de Sobrellano dat een mooie foto opportuniteit biedt zo hoog boven het dorp. Op weg naar Panes voert mijn route door het Parque Natural Oyambre, maar veel verschil maakt dat landschappelijk niet. Dat doet het wel als ik het Parque Nacional de los Picos de Europa binnen rijd. De N621 voert me door de Desfiladero de la Hermida canyon, een prachtig stukje natuur met een veeleisende kronkelende weg, smal en kronkelig en een paradijs voor motorrijders. Soms is het uitwijken voor een rots die wat overhelt en waar een gewone wagen zonder meer onder door rijdt, waar het met mijn 3m05 toch opletten is. In Potes aangekomen is het tijd om te bezinnen over wat ik nu ga doen.
Afbeelding
Het oorspronkelijke plan zou me nog 102km verder voeren naar Riaño met een zijsprong van 46 km naar Fuente Dé. Houd ik me daaraan, dan wordt het wel heel laat en misschien zelfs een deel in het donker, wat sowieso al geen pretje zal zijn, maar eveneens betekent dat ik een deel van het landschap niet zal zien, wat echt wel jammer zou zijn. Een ander optie is van Fuente Dé over te slaan en zo het aantal kilometers terug te brengen tot 56. Maar de beschrijving in de reisgids klonk zo aanlokkelijk… . Dan maar kijken naar een 3e optie: hier in Potes kijken voor een camping en morgen weer verder. Ik vind al snel 3 campings en een camperparking (de mixt parking waarop ik nu sta) als mogelijkheden. Ik kies voor een camping en wil de motor starten, maar die geeft geen kik meer! Ik kijk de batterijwaarden na, maar die lijken ok, de bornen staan ook nog goed vast en met de zekeringen is ook al alles in orde. Mijn gedachten gaan meer en meer naar de starter, maar als ik mijn broer (en mijn automechanieker) wil contacteren, blijft mijn telefoon zo dood als een pier: om één of andere bizarre reden heb ik geen netwerk hier! Dan maar in het restaurant een plaatselijke technieker laten bellen die er een kwartiertje later aankomt. Gelukkig blijkt het een klein euvel: een stekker van de bedrading van de starter, even prutsen met de stekkers en de auto start weer als vanouds. Een kwartiertje later sta ik op La Viorna Camping en begeef me naar het restaurant om te gaan eten, gelukkig eten de Spanjaarden hier zeer laat. Na de kabeljauw in tomatensaus en frietjes, vergezeld van een lokaal wit wijntje, nog even een thee en dan de slaapzak in.
Zaterdag 8 juni
Afbeelding
Vanmorgen eerst maar eens een bezoekje brengen aan het Santa Toribio de Liébana klooster, het is te zeggen aan de buitenkant want vroeg opstaan lijkt er ook niet meer bij te zijn bij religieuze orders. Ik moet ook niet zo nodig het “echte stukje hout van het echt kruis van de kruisiging” zien dat is verwerkt in een gouden kruis. Dat is eerder iets voor fervente gelovigen, niet zozeer voor een ketterse reiziger als ik. Even hogerop op de berg is er dan nog de hermitage van San Miguel, waar ze dan maar een kapelletje hebben neergepoot dat lelijk in de weg staat van het uitzicht over het dal. Vervolgens keer ik in mijn sporen terug om de afslag te nemen naar Fuente Dé, want dat was toch de bedoeling van mijn overnachting hier. De weg er naartoe is mooi zonder echt spectaculair te zijn, prachtig wordt het pas bij aankomst in het dorpje zelf. Het ligt aan de voet van een indrukwekkend bergmassief van kale, hoog oprijzende bergwanden. Een kabelliftje brengt je indien gewenst naar de top van de rotswand op de voorgrond, doch daar staat zelfs op dit vroege uur al een rij aan te schuiven die een uurtje wachten belooft. Dat laat ik dus gerust aan me voorbij gaan. Op de terugweg naar Potes kijk ik uit naar een groot reclamebord van Coca-Cola, waartegenover de garage van de mechanieker zou moeten zijn, die me gisterenavond uit de nood hielp. Het plan was dat hij de stekker even wat vaster zou knijpen, maar net als op de heenrit vind ik de garage niet. Dus ga ik zo maar verder, als het euvel zich weer voordoet weet ik in elk geval wat er mis is en wat te doen.
Afbeelding
Ik rijd nog steeds rond in de Picos de Europa en de landschappen blijven prachtig, zelf op de plekken die niet als mirador staan aangegeven zoals het Mirador Oseja de Sajambre. Ook de rit door de Desfiladero de los Beyos Canyon is weer adembenemend mooi, alleen jammer dat de weg vlak erna onderbroken is en de omleiding me toch heel wat kilometers extra bezorgt over smalle bergwegen. De GPS flipt dan ook nog een keer en stuurt me een onooglijk klein straatje in met een hellingspercentage waarbij mijn voorste banden doorslippen! Geen kans om te draaien hier, en achteruit terug zie ik al helemaal niet zitten. Hopelijk is er op het einde van het pad, wat de duivelse GPS nu wel weer aangeeft, wel wat meer plaats. Dat blijkt het lokale kerkhof te zijn en biedt me genoeg plaats om in twee keer te draaien. Ik vraag echter wel af hoe ze hun overledenen hier krijgen? Met paard en kar of over een muilezel gedrapeerd? Het is misschien wat oneerbiedig, maar de doorsnee lijkwagen zie ik hier niet geraken in elk geval! Gelukkig is de GPS even later wel weer bij de pinken en als er dan ook nog wegwijzers naar Cangas de Onis verschijnen, ben ik helemaal zeker van op de juiste weg te zitten.
Afbeelding
In Cangas de Onis aangekomen is er alleen een Romeinse brug te bezichtigen, die eigenlijk alleen Romeins van stijl is, maar pas veel later gebouwd is, en het Capillo de Santa Cruz, een religieus gebouw. Bedoeling is nu om naar de Lagos de Covadonga te rijden, op de toegangsweg naar het gelijknamige stadje zie ik erg veel volk en wel 4 reusachtige parkings met bushaltes. Nu weet ik uit mijn gids dat Covadonga een bedevaartsoord is, maar dit overtreft Santiago de Compostella zelfs! Tot ik in Covadonga zelf aankom en wordt tegengehouden door een kerel in een geel fluohesje die de weg verspert. Blijkbaar is de toegangsweg tot de meren niet meer toegankelijk voor privéverkeer en mag je een busticket kopen om er met de massa anderen naartoe gebracht te worden. Dit omdat de weg te smal en moeilijk is, zegt men me. Laat dat nu juist de reden zijn waarom ik er naartoe wou! Die meren zelf kunnen me eigenlijk gestolen worden. Ik vertik het dan ook om hier mijn tijd en geld in te stoppen en neem nog juist de tijd voor een foto van de grote bedevaartkerk die op de helling boven Covadonga prijkt. Met de bijkomende kilometers van vanmorgen en de tijd dat dit in beslag nam, zit ik krap om de 99km die de originele planning voorziet, nog af te werken. Ik kies wijselijk dan ook maar voor de optie om de rechtstreekse route naar Ribadesella te nemen, zodat ik nog op een schappelijk uur op de Camping Playa Sauces aankom. Zoals hier nogal eens voorkomt is er ondanks de naam trouwens weer geen strand in de buurt te bekennen. Als enige gast in het restaurant, afgezien van wat mensen aan de bar, krijg ik even later een gepaneerd stuk vlees met salade en frietjes en een glaasje witte Spaanse wijn. Met nadien nog een thee.
Afbeelding
Zondag 9 juni
Vanmorgen kijk ik in de planning over de Cueva de Tito Bustillo, die op de pagina van gisteren bij Ribadesella stond vermeld, en pas later besef ik dat ik de kans gemist heb om een grot met muurschilderingen te bezichtigen (de echte in dit geval), die volgens mijn reisgids kan wedijveren met deze van Altamira! In de plaats daarvan rijd ik naar Villaviciosa waar ik het Museo del Jurasico de Asturias bezoek. Buiten een aantal verschillende types dinosaurussen, waarvan de meeste me getrouwe reproducties lijken te zijn, maar bij enkele kleinere heb ik toch mijn vragen over hun huidskleur. Fluogroen lijkt me nu niet een schutskleur die je gemakkelijk in de natuur zal aantreffen? Binnen in de dome-achtige gebouwen veel skeletten, al dan niet reproducties, van dino’s. Maar eveneens veel informatie over hun verspreiding, fossielen, en reproducties van dino pootafdrukken die in Spanje gevonden werden. Het vreemdste zijn wel twee kleinere dinosauriers met pluimen, prehistorische kippen als je wil, maar met een erg agressieve kop en klauwen van poten eronder. Het verwondert me niet dat de kleinste kinderen die hier rondhollen van deze twee wat bang zijn, terwijl ze dolenthousiast zijn over de reusachtige dino’s met tanden waarbij een kettingzaag verbleekt. Langs enkele ingeslapen dorpjes met soms onverwachte architecturale pareltjes gaat het vervolgens dan verder naar Gijón.
Afbeelding
Op het eerste zicht heeft de stad niet veel te bieden als je de reisgidsen mag geloven, maar de Cimadevilla zo als de oude stadskern hier noemt, moet toch wel best leuk zijn, ware het niet dat ik een uur rondrijd om toch maar een parkeerplek te vinden. Uiteindelijk stop ik enkele keren in het wilde weg, zet de alarmlichten op en neem de tijd voor enkele foto’s. Het is jammer van het grijze druilerige weer, want daardoor komt het strand met de wandelpromenade en de anders azuurblauwe maar nu grijze zee, niet echt tot zijn recht. Verder dan maar naar Oviedo, waar het spelletje van een parkeerplaats zoeken zich herhaalt. Erg veel verkeer is er niet, want die staan reeds allen geparkeerd, lijkt het wel! Ook hier duurt het een uur voor ik een plaatsje vind waar ik me met moeite in kan wringen. Dan pas kan ik door de Casco Antiguo op weg naar de Cathedral de San Salvator, langs enkele van de vele plaza’s omringd door architecturale pareltjes van gebouwen en het Ayuntamiento, het stadshuis met klokkentoren waaronder je doorheen wandelt. Met al dat parkinggedoe is er het nog niet van gekomen om te eten vanmiddag en ik vind hier ook niet onmiddellijk iets voor een snelle hap. Langs een alternatieve route wandel ik terug naar de camper, het is ondertussen 16u00 en ik heb nog liefst 180km voor de boeg! Nu laten de 2 verloren uren met het zoeken naar een parkeerplaats zich goed voelen!
Afbeelding
Ik keer terug naar de kust en blijf deze normaal voor de rest van de dag, en de volgende dagen ook trouwens, volgen. Al de ganse dag kom ik regelmatig Compostella gangers op bedevaart tegen met de rugzak en wandelstok, of andere met de fiets, ik volg dan ook grotendeels één van de Compostella routes, wat overal op bordjes aangegeven staat en er zijn zelfs moderne varianten waar je met wifi toegang informatie krijgt over dat deel van de route. Deze laatste zijn rode zuilen met telkens de naam van de plek erbij vermeld en nog wat informatie. Ik kom ondertussen aan in Cudillero en lap gewoon de talrijke verbodsborden voor autocaravanes aan mijn laars, al wordt het even spannend als er een politieagent het verkeer staat te regelen bij een kerk waar er een grote trouwpartij aan de gang is. Hij wuift me echter gewoon door en in het beschutte haventje van het voormalige vissersdorp staan er trouwens nog heel wat campers geparkeerd. Later merk ik dat die via een andere toegangsweg hier zijn gekomen. Het dorpje is heel pittoresk tegen de wanden van de berghelling gebouwd die in een V-vormige canyon uitloopt naar het haventje toe.
Afbeelding
Tot in Balotta houd ik het vol om de kleine kronkelige wegels, bezaaid met ronde punten en dorpjes met intelligente verkeerslichten afgesteld op 40km/u en verkeersdrempels om je ribben eens goed door elkaar te schudden, te volgen. Maar dan maak ik even een stand van zaken op: Tot in Ribaeo is het langs de gewone baan nog een 90 tal kilometer en de GPS geeft dan aan dat ik er na 20u00 zal aankomen, indien alles meezit, doch via de autoweg ben ik er binnen 60 km en om 10 voor 7 daar. Veel zee- en strandzichten verwacht ik niet tegen te komen en bovendien is, zoals ik al zij, het weer er niet naar, om er echt van te genieten en dus stuur ik de autoweg op, na nog even te tanken en wat chips als late lunch in te slaan. Camping Rinlo Costa blijkt dan nog een kilometer of 7 van Ribadeo te liggen en is een kleine gezellige camping met vriendelijke ontvangst maar een restaurant dat pas om 15 juni open gaat. De rest van de spaghetti van vorige keer dan maar opgewarmd en eindelijk ook een beslissing genomen van hoe de reisplanning aan te passen aan het feit dat ik met 2 dagen vertraging vertrokken ben door de gezondheidsperikelen: Barcelona en de mediterrane kust zullen voor een volgende reis zijn.
Maandag 10 juni
Afbeelding
Vandaag staat één ding al vast: er staan geen grote steden op de planning, dat scheelt al vast in tijd! Na het ochtendgesplash en het afrekenen van de camping krijg ik van de uitbaatster nog wat lokale info mee, en ze weet me ook te vertellen welke en waar de supermercado’s zich in Ribadeo bevinden, want mijn startvoorraad frisdrank en water begint stilaan op te raken. Dus maar even aanvullen en dus even op mijn stappen terugkeren. Kan ik in één keer het oude stadscentrum even bekijken ook. Al bij al wordt het dan nog een late start vandaag en is de voormiddag al bijna voorbij wanneer ik aan de kustroute begin die hier ook heel wat moois te bieden heeft. Het begint met een zicht op het haventje en de tegen de helling opgebouwde huizen in vele kleuren van Ribadeo. Even verder is er dan de vuurtoren op een eilandje voor de kust, bereikbaar via een voetgangersbrugje. Meerdere miradors staan aangegeven en leveren steeds weer mooie uitzichten op de rotsachtige kust op. De rotsen lijken wel opgebouwd uit schijven steen, wat goed te zien is als de golven en de wind er een deel van weg geërodeerd hebben. De kustlijn is dan ook bezaaid met grotten en inhammen.
Afbeelding
In de grotere baaitjes zijn er droomstrandjes ontstaan en in deze tijd van het jaar kan je met wat geluk nog zowat een privéstrandje hebben! Wel opletten met het getij, want voor je het weet is je terugweg afgesneden en dan zouden er wel eens gevaarlijke toestanden kunnen ontstaan want sommige stranden verdwijnen helemaal onder water. Er zijn hier ook reusachtige blowholes ontstaan, dat zijn grote gaten die via een tunnel in verbinding staan met de zee. Als de zee ruw is kan het water uit zo’n blaasgat als een geiser omhoog spuiten. Hier hebben ze er in de overtreffende trap van wel 20m doorsnede. Een ruïne waarbij ik stop staat in direct verband met de zee, gezien er een diepe geul tot aan het vervallen gebouw loopt. Op het domein is ook een aantal betonnen vergaarbakken te zien. Een stuk verder vind ik nog iets dergelijks, maar een paar maatjes groter. Wat er hier ook ooit van bedrijvigheid was, het had met de zee te maken en ik gok op iets met vissen. Verzilting bedrijfjes lijken het me niet en ik vermoed dat de vele bakken dienden als houdbakken om een bepaalde vangst levend te houden, sardientjes of garnalen of zo? Het hoogtepunt langs dit deel van de kust is het strand der kathedralen. Een strand waar tientallen van de rest van de kust weg geërodeerde rots torens los staan, bij laagtij kan je er tussen wandelen, maar bij hoogtij worden ze omspoeld en stilaan stukje bij stukje weggevreten door de golven. Zo ontstaan er ook grotten en tenslotte doorgangen in de voet van deze eilanden. Gezien het een eeuwig voortdurende herhaling is zullen deze torens eens instorten en zullen er weer nieuwe gevormd worden.
Afbeelding
Na het bezichtigen van deze natuurfenomenen besluit ik maar ineens op de parking te lunchen in de camper want het is ondertussen al 13u00 gepasseerd. De tijd vliegt als je pret hebt! Op het laagtij ga ik zeker niet wachten want dat is maar om 16u00 vanavond, dus na het eten verder de kust langs, eens dichtbij dan weer enkele kilometers er vanaf. In Viveiro moeten er 2 kerken staan, in deze regio Igrexa genoemd, maar niet op de route die ik volg en ik ga er deze keer niet naar op zoek. Waar ik wel heen rijd is de Punta da Estaca de Bares, een schiereiland dat zich in zee uitsteekt met een vuurtoren erop. De wegen naar dergelijke plaatsen zijn gewoonlijk spek voor mijn bek: stijl, smal en kronkelig. En ook hier stelt die me niet teleur. Het is eigenlijk wel grappig dat deze lichtbakens in deze moderne tijden van satellietnavigatie nog altijd bestaan en ook nog werken! Is het uit nostalgie of gewoon nog een extra beveiliging voor als de navigatie het laat afweten? Van het ene schiereiland gaat het naar het andere, de Cabo Ortegal deze keer met een nog wat uitdagender wegje en een door kliffen omringde vuurtoren, alsof die zegt: zie je wel dat ik nodig ben! Ik kies als terugweg voor een andere route met nog meer uitzichtpunten, eentje is tevens een herdenkingsmonument voor de acteur Leslie Howard die hier door de Duitse Luftwaffe neergehaald werd in zijn vliegtuigje, lees ik.
Afbeelding
Even voorbij Pontedeume moet ik op zoek naar een camperplaats, vreemd dat er in dit kustgebied zo weinig campings zijn trouwens, zowel naam als GPS coördinaten geven me geen resultaat, maar al gauw zie ik een bordje dat de camperparking al van 10km afstand aankondigt. Het kan niet anders of deze is het. Het wordt wel vreemd als ik verder en verder van de doorgaande weg wordt weggeleid, want gewoonlijk liggen dergelijke parkings langs die doorgaande wegen. Deze is echter een uitzondering, want een privé uitbater in de vorm van een avonturenorganisator die naast de verzorgde camperparking ook 4X4 trips, en allerhande avontuurlijke evenementen organiseert. Bij aankomst staat er al één Franse camper, maar van de eigenaars geen spoor. Maar dat komt dan later wel, eerst wat te eten maken, en even wat vloeistofniveaus van de auto checken en aanvullen indien nodig. Geen telefoon of internet om gestoord te worden dus een heel productieve avond voor het reisverslag. Nog gezelliger met de witte wijn die ik me aangeschaft heb vanmorgen.
Eigen websites: Reiswebsite; http://www.yohani.be/reizen/ Zelfbouw camper; http://www.yohani.be/campersite/

Gebruikersavatar
Yohani
LROCB-Member
Berichten: 907
Lid geworden op: za 13 mar, 2004 14:15
lrocb_lidnr: 64
Woonplaats: Putte (Mechelen)
Contacteer:

Re: Op Iberisch avontuur in Spanje

Ongelezen bericht door Yohani » do 11 jul, 2019 14:46

Dinsdag 11 juni
Sinds gisteren wordt ik geplaagd door een probleem met de versnellingsbak, het terugschakelen naar 2e versnelling lukt niet meer, opschakelen en alle andere versnellingen werken zoals het hoort. Ik heb wel een idee wat er scheelt, maar wil eerst toch een keer het niveau van de versnellingsbakolie nazien. Dus vanmorgen aan de eigenaars van de camperparking na het betalen even gevraagd waar ik een garage vind en dat blijkt juist terug op de “grote” weg te zijn wat eigenlijk maar een “national” is, zoals ze in Frankrijk zeggen. Het blijkt een garage waar aan tractoren en aanverwanten wordt gewerkt, maar er staat ook een normale auto op een brug, ze kijken even snel het niveau van de olie na en dat blijkt in orde, hij komt tot de zelfde conclusie als ik: de synchro van de 2e versnelling is er aan. Afrekenen mag ik niet, zelf drinkgeld willen ze niet aannemen. Een telefoontje met Jacques, mijn broer, bevestigd de dubbele diagnose, maar mits voorzichtig gebruik valt daar wel mee te rijden al is het aanpassen. Zo is het nog maar een keer een late start van de dag, maar ik ben al lang blij dat het niet het einde van mijn reis is.
Afbeelding
Sinds mijn bezoek gisteren aan de Cabo Ortegal loopt de kustlijn niet langer naar het westen, maar is ze gedraaid naar het zuidwesten, en morgen zal dat pal naar het zuiden zijn, richting Portugal. Mijn eerste geplande bezoek vandaag is het stadje Betanzos, waar ik voor de verandering een keer snel een parkeerplaatsje vind aan de rand van de casco antiguo. De ommuring van de stad bestaat uit huizen met af en toe een poort waardoor je het innerlijke van de oude stad betreed. Ik ga op goed geluk op stap en kom op een gegeven moment uit op een groot plein, met de Igrexa de Santiago en omringd door de nu zo herkenbare gebouwen met erkers van glas en hout. Elk gebouw is van het eerste tot het laatste verdiep voorzien van deze uitstulpende gesloten balkons, allen met ramen onderverdeeld in kleine ruitjes maar toch allen weer verschillend in de details en versiering. Af en toe vormt een gebouw de uitzondering, gebouwd in natuursteen of bepleisterd en voorzien van ornamenten rond ramen en deuren, soms strak, soms overdadig versierd met abstracte of herkenbare figuren. Dikwijls zie je dan op die huizen ook een wapenschild van een adellijke familie prijken. De gebouwen met de glazen gevels mogen er dan moderner uit zien, maar vergis je niet, ook deze zijn reeds erg oud. Wat ook opvalt zijn de vele kleuren waarin de huizen hier geverfd zijn, heel gedurfd soms, appelsien oranje, indigo blauw, olijfgroen, maar ook baksteen rood of oker geel. Eigenaardig toch dat zowel in de landen ten noorden als ten zuiden van België zoveel meer met kleur gewerkt wordt dan bij ons.
Afbeelding
Ik verken nog een deel van de oude stad en moet dan de camper zien terug te vinden, gewoonlijk duid ik die plaats aan in Maps.me en vind ik gemakkelijk de weg terug, doch deze keer ben ik dat vergeten. Ik stap door een poort de stad uit en heb geen idee of ik links of rechts moet, ik zie wel de rivier waarnaast ik geparkeerd sta, en besluit naar links te gaan. Al snel is de rivier weg en blijkbaar heb ik in een rondje gelopen, want ik kom terug op het grote plein uit waar ik in het begin reeds was. Van hieruit weet ik echter nog de weg en algauw sta ik weer bij de camper. Ik twijfel of ik hier snel zou lunchen of eerst verder rijd naar A Coruña, ik besluit eerst door te rijden, het is tenslotte maar 25km verderop. Onderweg snoep ik al wat van de ceresas die ik op het plein kocht op het boerenmarktje aldaar. Ook hier heb ik weer geluk met het parkeren, op korte wandelafstand van de ciudad vieja rijd er een auto weg van zijn plaats en laat mij ruim de plaats voor mijn camper. Het zijn wel eigenaardige plaatsen dwars op de rijrichting en je ziet geen onderscheid met het voetpad, maar ze staan hier allemaal zo, dus dat lijkt me wel in orde. Op nog geen 200m kom ik op het verbluffende Plaza de Maria Pita, niet genoemd naar het vleesgerecht, maar naar een kranige dame die door ’s nachts alarm te slagen een invasie door Engelse troepen wist neer te slaan.
Afbeelding
Het plein wordt gedomineerd door het Palacio Municipal dat ondanks zijn muisgrijze kleur erg indrukwekkend is met zijn weelderig versierde gevels, met tal van beeldhouwwerken, torens en koepels. De andere zijden van het plein worden opnieuw ingenomen door 19e -eeuwse van erkers voorziene gebouwen. De stad wordt trouwens ook wel de glazen stad genoemd. Ik besluit om hier een kleine lunch te nemen in de vorm van een portie hamkroketten, die ik al een hele week overal op de menukaarten zie staan en één keer als aperitiefhapje voorgeschoteld kreeg. Vervolgens ga ik op wandel door de omringende straten waar de gebouwen op het gelijkvloers zo goed als allemaal ingenomen zijn door winkels, restaurants en banken. Een aparte deur geeft dan toegang tot de bewoonde hogere verdiepen met de nu welbekende glasramen. In tegenstelling tot bij ons zijn deze verdiepingen dus wel in gebruik. Langs de zijstraatjes krijg ik al een blik op de jachthaven te zien en onherroepelijk sla ik op een gegeven moment dus die richting in. Ook hier weer eenzelfde stramien wat betreft de bouwstijl met de glazen gevels onderbroken door wat ik de koloniale stijl zou noemen in gekoloniseerde landen, doch hier betreft het de kolonisator zelf… . Bijna elke reis moet ik vaststellen dat de steden er zoveel netter bijliggen dan de onze, geen papiertje op straat, niet met je hoofd in de grond moeten lopen om hondendrollen te vermijden. Zijn wij nu echt zo’n nestbevuilers of wat gaat er fout bij ons? Het wordt tijd om mijn bezoek van de stad A Coruña af te ronden en sta al gauw weer snel bij de camper (Maps.me weet je wel). Op mijn rit door de stad zie ik nog de Torre de Hércules op een landpunt staan aan de overzijde van de baai, de oudste nog in werking zijnde vuurtoren werd me ingeprent door de reisgidsen. Aan deze zijde neemt een ranke blauwglazen prisma de honneurs waar.
Afbeelding
De rest van de dag wordt bepaald door de autoruta del Litoral: Costa da Morte, de weg langs de kust des doods dus. Daar op afgaande veronderstelde ik een ruwe kust met vele kliffen aan te treffen, maar niets is minder waar. Het is een gezapig glooiend landschap dat vooral veel stranden telt. Het ruwe deel was gisteren aan de westkust te vinden. De weg loopt ook lang niet altijd zo dicht bij de kust dat je de zee kan zien, dat kan op de landkaarten wel eens een vertekend beeld geven. De GPS instellen op kortste weg is al helemaal geen goed idee want je wordt door de kleinste wegels in de dorpjes gestuurd, die dorpjes die trouwens allemaal uitgerust zijn met intelligente verkeerslichten en/of snelheidsremmers en af en toe een flitspaal. Van wijzigende maximum snelheden kennen ze hier trouwens wat van, op 50m kom je gemiddeld zo’n 3 verschillende snelheden tegen, soms op 10m afstand van elkaar, toch maar eens nazien of een zekere Janssens hier soms contracten lopen heeft! Regelmatig rijd ik tot in een haventje van de dorpjes die ik passeer, vuurtorens zijn hier bijna evenveel aanwezig dan kerken, maar toch net niet. De Iglesia Santa Maria da Atalaia valt me op door zijn soberheid en lijkt weer één van die versterkte kerkjes te zijn die ook als toevluchtsoord moest dienen voor de bevolking in tijden van nood. Althans als ik de stevige omringende muren en het gebrek aan ramen zo mag interpreteren.
Afbeelding
In Camelle ben ik te laat voor het Museo Alleman, of te vroeg want van vanaf 15 juni is het geopend tot 20u00. Na enkele fotootjes van de haven zet ik koers richting Camariñas, waar de camperplaats van vanavond eigenlijk niet meer is dan een plaats in de haven aldaar, er zijn wel enkele faciliteiten aanwezig (zoals toiletten, maar niet specifiek voor camper) maar geen elektriciteit en blijkbaar zijn de nachtelijke en vroeg ochtendlijke vissersnijverheid best wel luidruchtig en storend. Maar een bordje dat verwijst naar een camping verderop op het grondgebied van Muxia, doet me toch de GPS eens checken, en zowaar die vind diezelfde camping. En dus zet ik koers naar Camping Playa Leis. Bij aankomst wordt ik vriendelijk ontvangen door een ouderen man, die me weet te vertellen dat het restaurant dicht is en ik een lege plek mag uitkiezen en waar de sanitaire blok is. Veel volk is er op de camping niet, maar dat maakt het zoeken van een vrije plek daarom niet eenvoudiger, het staat hier namelijk vol met caravans die hier semipermanent of volledig permanent verblijven. Ook aan de sanitaire blok is te merken dat het seizoen voor deze camping nog niet begonnen is. Echt vuil is het niet, maar netjes in vergelijking met de vorige campings toch ook niet. Vannacht en morgen gewoon de eigen faciliteiten gebruiken! Het lijkt hier alvast rustiger te zijn dan op de voorziene plaats, alleen de op het strand uitrollende golven zijn te horen. Er komen toch nog een camper of 5 toe in de loop van de avond, waarvan één Fransman met een prachtige Harley Davidson op de aanhangwagen achter de camper. Tijdens een gesprekje blijkt hij ook nog 2 andere Harley’s en een Indian thuis te staan hebben.
Woensdag 12 juni
Afbeelding
Zoals verwacht een rustige nacht en goed geslapen. Vandaag draai ik de rollen een keer om, eerst de ganse dag natuur en landschappen en enkele korte wandelingen en pas vanavond een stadsbezoek. In Muxia, enkele kilometers van de camping, is er nog wel het Santuario da Virxe da Barca, maar dan gaat het resoluut voor de kust zelf, met als eerste stop de Faro de Muxia. Een faro is dus een vuurtoren, voor diegene die dat nog niet wisten. Altijd goed voor smalle kronkelige wegels die naar het einde van de wereld lijken te lopen. Hier valt dat nog mee want het is een gewone weg langs de stranden en de rotskust. En het zijn tevens 2 vliegen in één klap want het kerkje van het Santuario Da Virxe da Barca blijkt hier ook te zijn. De vuurtoren staat, zoals dat hoort, aan de rand van het water op een grote rotsenchaos, die ook nog verder doorloopt langs de kust. Nu de kustlijn zuidelijker gedraaid is, wordt de kust opnieuw wat ruiger van uitzicht. Na enkele klauterpartijen wandel ik dan naar de kerk, neem daar wat foto’s en wandel dan de geplaveide weg naar boven, naar de mirador. De steile weg trekt me wel aan om een keer met de camper te doen en dus wanneer ik weer beneden ben, vat ik de tocht nog een keer aan met de camper, die zonder problemen boven geraakt. Bovendien beweert mijn Tomtom dat ik via deze weg ook verder kan met mijn route, en dus doen we dat ook.
Afbeelding
Een nadeel van een ruige kust is dat ze uit veel inhammen en schiereilanden bestaat, waardoor je veel kilometers rijdt, om weinig afstand af te leggen (in vogelvlucht dan). De volgende kaap die ik wil bezoeken is die van Touriñan, Cabo Touriñan dus met eveneens een vuurtoren. Hier kan ik de camper zowat naast de vuurtoren parkeren. Het is hier ook heel wat rustiger, geen souvenirverkopers of muzikanten, maar 1 andere auto, waarvan de eigenaars niet te bekennen zijn. De foto’s zijn snel gemaakt en ik wandel nog een keer rond het kleine complex, dat eigenlijk uit 2 vuurtorens bestaat, merk ik nu: de hoge, witte, ronde toren, maar ook het vierkante lage gebouwtje heeft een vuurtoreninstallatie op het dak. Dat zal de voorganger geweest zijn. Tijdens mijn bezoek komen er nog 2 andere auto’s aan, één met een jonge vrouw die duidelijk ook de vuurtoren komt bekijken, maar de 2e, een jonge kerel, lijkt me iets anders van plan want die keurt de vuurtoren geen blik waardig en vertrekt met een zak en wat klauterspullen naar de rotsen onder de vuurtorens. Ik vermoed dat die eieren gaat verzamelen uit de vogelnesten op het schiereilandje, waar er veel vogels rondvliegen.
Afbeelding
Ik zet mijn weg voort naar de Cabo de Fisterra (of Finisterra zo je wil), hier worden campers geweerd op de laatste 50m en dus ook de parking, maar er bevind zich een weliswaar erg schuin liggende parking enkele meters verderop, waar al enkele campers staan. Ik rijd echter nog een stuk verder over een onverhard pad met enkele grote plassen naar een parking nog wat verderop, vanwaar ik denk een mooi zicht te hebben op de kaap met de vuurtoren. Hier staat al en 4x4 buscamper en een rode Unimog. Na de foto’s raak ik aan de praat met de Duitse eigenaar van de Unimog. Die verteld over hoe hun Afrika reis afgebroken werd omdat de toestand in Mali verslechterde. Ook in Marokko waren er enkele toestanden, waaronder de dood van de 2 Zweedse meisjes, die hen deden besluiten om terug te keren naar Spanje, waar dan echter hun hond vergiftigd werd (waarschijnlijk met een lokaas met vergif erin voor zwerfhonden). Dus willen ze ook uit Spanje weg en besluiten ze van door te gaan naar Portugal. Ik rijd terug naar de wat dichter gelegen schuine parking en wandel van daaruit naar de vuurtoren. Hier zijn meerdere souvenirwinkeltjes, restaurants en bars en de straatmuzikanten prominent aanwezig. Het is steeds verbazend hoe meerdere van die shops toch denken van allemaal hetzelfde te kunnen verkopen. Campers mochten hier niet staan maar busladingen toeristen worden er wel afgezet. Niet te lang vertoeven dus. Gauw naar de kaap zelf en dan weer terug.
Afbeelding
Bedoeling was om hier in de camper te lunchen, maar die staat zo schuin dat het echt niet comfortabel meer is. Dus rijd ik een eind terug waar een geasfalteerde parking met drinkfontein, zo uit de bergwand, volledig vrij is op één auto na. Hier neem ik dan de tijd voor de lunch. Vervolgens krijg ik nog enkele kustdorpjes voor de kiezen en de bijbehorende praia’s (stranden), alvorens ik het binnenland in rijd richting Santiago de Compostella. Al de hele reis kwam ik pelgrims, al dan niet religieus, tegen op weg naar Compostella, maar ook voorbij die stad kom je ze nog tegen want op beide bezochte kapen staat de teller van de Jacobswegen pas op nul, dus niet in Santiago zelf. En het zijn er niet weinig ook! Maar deze maand is natuurlijk een stuk aangenamer van temperatuur dan de volle zomer hier om dergelijke tocht te maken. In Santiago de Compostella zal ik naar alle waarschijnlijkheid het trucje dat we ooit uithaalden om met de auto tot op het plein voor de kathedraal te rijden niet kunnen herhalen. Dat was ten tijde van de wereldtentoonstelling in Lissabon, toen we voor de lol langs hier afkwamen en was het volledig buiten seizoen. Ik opteer er in de plaats daarvan om eerst de camping op te zoeken en dan verder te kijken. De camping As Cancelas ligt maar 2km van het centrum en er is een bushalte waar elk half uur een bus naar het stadscentrum vertellen de uitbaters van de camping mij. Dus eens gesteld, trek ik naar de bushalte waar ik nog juist op tijd ben voor de bus van 18u00.
Afbeelding
Voor 1€ sta ik al snel aan de rand van de oude stad, met een stadsplan in de handen dat ik op de camping ook mee kreeg. Erg duidelijk is dat plan niet zodat ik regelmatig Maps.me erbij neem om te checken. Het mag niet verwonderen dat er vooral veel religieuze gebouwen te zien zijn in de stad, maar ik begin alvast met een oude stadspoort die nog dateert van de tijd dat de stadsmuren er nog waren. Deze laatste zijn al lang weg, maar door de poort kan je nog door wandelen. Dan komt er het imposante gebouw van de universiteit en dan het portaal van de kerk van St Maria Salomé, die gerenoveerd is en ook als tentoonstellingsruimte dient. Voor ik dan bij de kathedraal kom zijn er nog een 18de -eeuws huis in geometrische barok stijl te bewonderen en opnieuw een school. De grootste massa van het volk hangt natuurlijk rond de kathedraal, die helaas gedeeltelijk ingepakt is voor renovatie. Alle straatjes die hier naartoe leiden zijn een aanééngesloten rij van souvenirwinkels, juweliers, café-bars of restaurants. Je hebt het hier als lokale inwoner moeilijk om er een gewone kruidenierszaak tussen te vinden. Rond de kerk is het dan nog een verzameling van ex-paleizen, kloosters en andere indrukwekkende gebouwen die zowel gotisch, barok als renaissance kunnen zijn of zelfs een mengeling van die stijlen. Ik vind er de plaats terug waar we ooit met de auto stonden en sta er verbaasd over dat we ooit tot daar geraakt zijn. Nu wemelt het op het immense plein van de toeristen, toen stonden we daar zo goed als alleen in de druilerige regen. Ik wandel wat verder van de kathedraal weg naar omliggende pleintjes en nog meer architecturale pareltjes, zonder specifieke namen. Gelukkig is het aanbod in de juwelierswinkels niet zo mijn ding, veel te religieus getint, maar ja één of twee stukken… .
Afbeelding
Ik maak aanstalten om terug te keren naar de bushalte maar heb nu al zoveel gedraaid en gekeerd dat ik geen idee heb waar ik naartoe moet, en mijn oriëntatie vermogen is al niet om over naar huis te schrijven. Zoals gezegd is het plannetje niet veel soeps, dan maar met Maps.me, maar ik merk dat het herhaaldelijk gebruik van die app, mijn batterij zijn stroom opvreet, ik prent me goed de opgegeven route in, want binnen niet al te lange tijd gaat dat ding het begeven. Het oponthoud zorgt ervoor dat ik juist de bus van 20u30 zie wegrijden, maar dan heb ik geluk, hij staat voor het rode verkeerslicht en de chauffeur laat me er nog op, al is hij van de halte weg. Eens op de camping ga ik naar het restaurant waar ik ribbetjes bestel, doch wat ik op mijn bord krijg lijkt daar in de verste verte niet op. Maar we doen het er maar mee, pas om23u00 ben ik weer bij de camper en is het tijd om te gaan slapen.
Donderdag 13 juni
Afbeelding
Vandaag nog een laatste keer naar de kust terug voor deze reis, gezien het deel aan de Middellandse zee komt te vervallen. Er komt nog een hele reeks stranden aan me voorbij, maar er duiken ook terug wijngaarden en Bodega’s op. In Cambados is er een ruïne van een kerk te bezichtigen op het kerkhof, het voormalige interieur van de dakloze kerk is ondertussen ook al in gebruik genomen als kerkhof. Er tegenover ligt de Monte de A Pastora, een heuvel met daarop een kleine kapel en nog wat hoger een uitkijkpunt met stenen kruis. Een leuke wandeling in de schaduw van de bomen. In Combarro is het dan weer de Casco Antiguo die bezienswaardig is. Het valt me toch op dat er weinig verwaarloosde huizen bij zijn, die zijn komen te vervallen. Of deze wijken zijn ingepalmd door gegoede burgers die de huizen hebben gerestaureerd en de minder gegoede mensen zijn naar andere stadsdelen verhuisd? Buiten de steden zie ik nog veel Hórreos, sommige duidelijk aan hun lot overgelaten, andere volledig opgeknapt. Het zijn kleine rechthoekige voorraadschuurtjes, zoals ik voordien ook al de grote vierkante zag, maar deze zijn een stuk kleiner en bestaan of volledig uit houd of uit natuursteen. Met spleten tussen de planken of stenen zodat de wind vrij spel heeft om het opgeslagen graan te drogen. De tweeledige poten worden van elkaar gescheiden door een platte steen die voorkomt dat knaagdieren de schuurtjes in geraken.
Afbeelding
Ook het oude centrum van Pontevedra is weer wat aandacht waard, met zijn vele praza’s, de pleinen die steeds met de mooiste gebouwen omringd zijn. Een siersmid heeft hier nog zijn werk als je al die gesmede balkonbalustrades ziet! Ik verleg nu mijn aandacht weer naar de kust zelf, met een bezoekje aan de Cabo de home. Juist voor aankomst staat er weer een bordje dat motorhomes weert, maar dat lap ik aan mijn laars, zoals de Spanjaarden zelf ook doen. Die dingen staan er toch vooral om te voorkomen dat je er zou overnachten en dat is helemaal de bedoeling niet. En anders moeten ze maar een alternatief voorzien! De eigenlijke kaap ligt eigenlijk nog een stukje verderop en het eerste moment is het me niet duidelijk of er nu een weg naartoe loopt of alleen een wandelpad. Een ander bord aan de start van een zandweg klaart de zaken enigszins op: er loopt een lusvormige onverharde weg over de kaap langs de 3 vuurtorens, die dan telkens via een korte wandeling bereikbaar zijn, of je kan als je veel tijd hebt ook de hele kaap rondwandelen natuurlijk. Grappig maar waar: voor deze weg geen verbodsbord voor campers! En dus ga ik maar wat stof maken op weg naar de 2 eerste vuurtorens op de kaap. Het zijn deze keer geen joekels van torens maar eerder kleine gedrongen vuurtorentjes, en bovendien staan ze ook niet hoog op een klif of zo, maar bijna gelijk met het wateroppervlak, een beetje vreemd. De 3e vuurtoren doet echter zijn naam weer eer aan.
Afbeelding
Een laatste stad voor vandaag is Vigo. Na wat getwijfel of ik deze stad nog wel zou aandoen wegens het weer al gevorderde uur, besluit ik er dan toch maar niet voor te gaan. Het is vooral een economische industriestad, met weliswaar een oud centrum, maar dat hebben ze hier allemaal. Ik neem dus de ring rond de stad op zoek naar de Camping de Canido, die niet in Oia ligt zoals verkeerdelijk vermeld in mijn planning, maar in … Canido dus! Dat zal morgen nog zo zijn gevolgen hebben. De mensen zijn er weer heel vriendelijk, maar de kip met frietjes is op zijn best matig te noemen, geen kruiden en platte frietjes.
Afbeelding
Vrijdag 14 juni
Canido dus een niet Oia, ik was al aan het nadenken hoe ik Baiona kon gemist hebben. Niet dus, want dat zit er nog aan te komen. Gisteren ook nog water en afvalwater in orde gebracht, evenals de toiletcassette want de volgende nachten zijn normaal op camperplaatsen. Dus vanmorgen fris gedoucht, klaar om te vertrekken. Erg ver is het niet meer naar Baiona, en het eerste dat ik in zicht krijg is het Praya America, vanwaar die naam voor het strand? Wel het is van hier dat Columbus met het schip de Pinta op exploratie wegzeilde. Kwatongen beweren zelfs dat Christoffel Columbus geen Genuees was, maar een plaatselijke schipper die zijn eigen dood veinsde en met de nieuwe aangenomen naam de opdracht binnenhaalde. Gelukkig is dat allemaal niet ver gezocht… . Het meeste van het gebeuren hier in Baiona speelt zich dus af aan de waterkant. Naast de verschillende stranden die van elkaar gescheiden zijn door indrukwekkende rotspartijen, is er hier ook Monte Boi. Een op een schiereiland gelegen heuvel, waarop het Fortaleza de Monterreal gebouwd werd, dat zowat de hele heuvel en schiereiland inpalmt. Van hieruit kreeg Columbus zijn opdracht mee van de Spaanse koning en koningin. Nu is het onder andere een restaurant en een luxueuze Parador, met het moet gezegd, een prachtig uitzicht vanuit je kamer. Ik wandel de 3km rond het fort en kom dan bij de haven waar er een replica van de Pinta in het water ligt te dobberen, klaar voor rondvaartjes met toeristen. Ik ben telkens weer verwonderd met hoe kleine scheepjes die ontdekkingsreizigers toch de wereld rond voeren. Ik sluit mijn bezoek hier af met een Monterrey sandwich als lunch.
Afbeelding
Als laatste bezoek aan de kust hier, stop ik in A Guarda, op een steenworp van de Portugese grens. Ik ga er op zoek naar de ruïne van het Castro de Santa Trega, wat me op een bergtop naast het stadje brengt, helemaal bovenaan staat er een kerkje en er rond verspreid liggen er ringvormige muurtjes van wat ooit een dorpje geweest is met hutten uit steen en riet. Op verschillende niveaus op de berghelling vind je dergelijke verzamelingen van ringvormige fundamenten uit het IJzertijdperk. Naast een cafetaria en de onmisbare souvenirstalletjes is er ook een archeologisch museumpje dat echter gesloten is wegens een elektriciteitspanne, en niemand die blijkbaar weet hoe dat op te lossen, anders dan wat naar elkaar te roepen. Nu ik een goed panorama over het stadje heb, tracht ik het Castelo de Santa Cruz te lokaliseren, zonder succes echter. Even later blijkt het gewoon aan de voet van de berg te liggen, je kan al eens te ver gaan zoeken. Voor het Castelo de Santa Cruz geen parkeerproblemen, alleen ligt de parking driekwart wandelen rond het kasteel voor je aan de ingang bent, niet zo handig. Voor de rest niemand te bekennen en dus kan ik er naar hartenlust in ronddwalen. Niet dat er zoveel te zien is, want het bestaat vooral om de omringende verdedigingsmuren met wat torentjes voor een wachtpost, één plomp torentje van wat groter formaat en een wit gekalkt modern ogend administratiegebouw met ernaast een archielelijk sanitair complex in metaal. Maar goed om de benen een keer te strekken en de slaap uit de ogen te houden.
Afbeelding
Zoals gezegd, verlaat ik hier de kust en de Atlantische oceaan om het binnenland in te duiken. Niet dat ik geen water meer zie, want ik volg de rivier die de grens tussen Spanje en Portugal vormt stroomopwaarts. Mijn Tomtom is er trouwens van overtuigd dat de snelste weg die via de Portugese oever is en dus ga ik in Tui de Puente Internacional over en een stukje Portugal door. Erg ver is dat niet want In Arbo, een 36km verderop, wip ik alweer de grens over naar Spanje. De rivierbedding is hier erg rotsachtig en schilderachtig mooi, bovendien is er een grote parkeerplaats net na de brug, dus is profiteer ervan om even te stoppen en wat foto’s te nemen. In Ribadavia vallen er de resten van het Castillo de los Condes de Ribadavia te bewonderen en bovendien moet ik er de brug over om aan de andere oever van de Avia rivier te geraken. Uiteindelijk kom ik dan aan in Ourense, een kijkje in de app van campercontact leert me dat de 2 camperplaatsen in de stad niet echt bijzonder zijn, maar ik heb ook geen zin om straks na het stadsbezoek nog 50km verder te rijden naar de voorziene camperplaats, die bovendien ook geen faciliteiten heeft. Er komt een compromis uit de bus met de camperplaats van A Peroxa, die maar 12km verderop ligt en bovendien kan je er water tanken en afvalwater kwijt, maar vooral de vele goede reacties over de plaats trekken me over de streep. Maar eerst dus de stad Ourense bezoeken. Ik krijg mijn camper vrij gemakkelijk tussen de rij geparkeerde auto’s, omdat de gehandicaptenplaats achter mij nog vrij is en ik er dus gemakkelijk in kan rijden. En ik sta nog een keer vrij dicht bij het oude centrum ook.
Afbeelding
Wat volgt is een wandeling door de Casco Vello, de oude stad, met zijn klassieke gevels die ik nu al wel ken, maar die toch even mooi blijven. Ook een bezoekje aan de Catedral de San Martiño ontbreekt niet en ook het Praza Major, het hoofdplein mag niet ontbreken. Verder is er dan nog het Casa do Concello en zoals steeds een groot aantal onbenoemde maar daarom niet minder mooie gevels om te bewonderen. Er is hier ook een oldtimer rally aan de gang en ik merk enkel mooie exemplaren op waaronder een Renault A 110 Alpine en een Renault Caravelle. In het drukke verkeer krijg ik ze echter niet mooi op de foto. Dat de stad iets heeft met autorally’s, valt op te maken uit een levensgroot bronzen afgietsel van zo’n Alpine A 110, met de twee piloten erbij, nobele onbekenden voor mij. Een groen parkje zorgt even voor de broodnodige schaduw om op adem te komen van de warmte. Terug bij de camper wordt het wegrijden een stuk lastiger want nu staat er wel een auto achter mij en veel manoeuvre ruimte heeft die me niet gelaten. Ik slaag er echter in me heelhuids zonder bumpers te schaven, uit de rij auto’s te wurmen.
Afbeelding
Het plaatsje A Peroxa ligt wat verder van de doorgangsweg af en wanneer ik er aan kom blijk ik de enige gast te zijn. Betalen hoeft niet want het is gratis en een plekje zoek je zelf. Dit is in feite de gerenoveerde oude overdekte marktplaats waar ik naast sta, met een barbecue, toiletten en zoals gezegd een sanitair station. Voorts nog de overdekte marktplaats, plaats voor winkeltjes en stenen banken en tafels onder een stenen pergola. Een mooie, lieve labrador komt mij begroeten, van zijn baasje geen teken. Ik ga op zoek naar een restaurant waarvan geschreven werd dat er één in de buurt is, maar vind er geen zo direct in eens straal van 500m in de omtrek. Dan maar zelf wat klaarmaken, iets eenvoudig want met de warmte heb ik toch niet veel honger. In de loop van de avond komt er al een keer een auto voorbijgereden, nieuwsgierig naar de vreemde eend in de bijt, vermoed ik, maar rond 23u schrik ik toch wel even op van gerammel en gekletter. Een boer of gemeentearbeider heeft zijn tractor met aanhanger ook op deze plek neergezet met alle kabaal vandien. De rest van de nacht blijft het echter super rustig.
Zaterdag 15 juni
Afbeelding
Op mijn planning van vandaag staat in een opvallend kleurtje een bijkomende opmerking geschreven, over een omweg van +/- 57km via enkel kloosters, maar eigenlijk is het me niet om die kloosters te doen, maar om de route. Die loopt dus door de Cañon do Sil, en dat is wat me aantrekt. Je voegt natuurlijk niet zomaar ongestraft een omweg van 57km toe aan een vastgelegde planning, zeker niet als die over trage wegen gaat, maar dat is dan weer een zorg voor later. Een reden te meer is dat op de originele route geen enkele bezienswaardigheid genoteerd staat en ik dus niets hoef te missen. Enige probleem nu is nog van die weg te vinden, want blijkbaar is men er niet te happig op dat men deze vindt. Ook mijn GPS doet of zijn neus bloed en de optie kortste weg selecteren, levert alleen wat spannende momenten op in bergdorpjes waar je normaal geen camper doorjaagt. Ik raak er echter heelhuids doorheen, heb misschien wat oudere inwoners een klein hartinfarctje bezorgt, en vind tenslotte de aanrij route naar de canyon. Een bordje wijst daar subtiel op het feit dat je die weg op eigen risico neemt en de staat op generlei wijze verantwoordelijk kan worden gesteld voor gebeurlijke ongevallen.
Afbeelding
Al van in het begin is het duidelijk dat het een mooie route wordt. Een smalle weg, langs één zijde de rotswanden, aan de andere kant de canyon met beneden de rivier. In die rivier liggen twee dammen die een deel van de canyon onder water hebben gezet, maar het blijft evengoed een prachtige tocht, alleen loopt die dan langs een stuwmeer, dat nog altijd een heel eind onder wegniveau ligt trouwens. Veel bochtenwerk en soms een beetje lastig met de synchro problemen van de 2e versnelling, maar erg leuk om te doen. Vinden de motorrijders die me passeren blijkbaar ook. Wanneer ik stop zijn ze er als de hazen bij om wat uitleg over de camper te vragen. Ik krijg hier in Spanje trouwens weer veel opgestoken duimen als ik eraan kom en ook op de campings of camperplaatsen komt er altijd wel iemand nieuwsgierig even kijken of wat vragen. De enige die er misschien niet altijd even gelukkig mee zijn, zijn de tegenliggers, wanneer ze de camper ineens voor hen van achter de bocht zien opduiken. Nu ik toch voor deze optie gekozen heb, kan ik het toch niet laten van toch één klooster te bezoeken, dat wordt het Mosteiro de Santa Cristina de Ribas de Sil, te bereiken via een steil afdalende en doodlopende weg. Het klooster, niet veel groter dan een uit de kluiten gewassen kapel ligt verscholen in een voor de rest verlaten vallei in het midden van de bossen. Geen idee wat die kloosterlingen hier eigenlijk uitspookten? Het heeft wel iets mystieks zo en dan te bedenken dat er hier in die tijd hoogstens misschien een karrenspoor liep.
Afbeelding
Ik keer op mijn stappen terug en volg opnieuw de OU 536 en OU 508, de wegnummers zoals die op de kaarten staan. In Castro Caldelas wordt ik niet alleen getrakteerd op een kasteelruïne, ik vind er bovendien de ganse meute van de Ourense oldtimer rally terug, mooi bij elkaar op het dorpsplein, tijd en mogelijkheid genoeg om alle wagens een keer te bekijken en foto’s naar hartenlust te nemen. De volkstoeloop zorgt er wel voor dat ik me wat verderop op een steile helling moet parkeren, wat me er direct aan herinnert, dat er wel een keer naar mijn handrem afstelling moet gekeken worden ook. Stilaan wordt de weg wat breder zodat je elkaar kan kruisen zonder voor je spiegels te vrezen, maar de panorama’s blijven prachtig. Af en toe is er wat ruimte voor bos en lijk je door een groene tunnel te rijden. Tegen de tijd dat ik O Barco bereik, heeft de weg normale proporties aangenomen, en sluit ik aan op de N120, de route zoals die eigenlijk voorzien was. In La Barosa zouden er oude Romeinse goudmijnen onder de naam Las Médulas te vinden zijn, ik vind er alleen een meer dat bij deze temperaturen goed bezocht wordt op een zaterdag. Waarschijnlijk is het meer niet natuurlijk, maar zijn het de ondergelopen goudmijnen, en om eerlijk te zijn, indien ik het visitorscenter had bezocht, zou ik het geweten hebben, doch in het 3 verdiepingen tellende gebouw was er één deeltje van een zaal voorzien over die goudmijnen en daar had ik de puf niet voor bij dit mooie weer. Er zou verderop ook een Archeologische Aula hierover zijn, maar wat dat dan wel moet voorstellen? Ik ben er alvast niet naar op zoek gegaan.
Afbeelding
Laatste bezoek voor vandaag wordt Ponferrada, een stadje waar je eigenlijk gewoon door het oude centrum wandelt in de richting die je neus je wijst, zonder moeilijk te doen over waar en waarom. Leuke plekjes genoeg en vooral de pleinen met terrasjes hebben veel aantrekkingskracht. Maar dat neemt niet weg dat er toch wat extra bijzondere plaatsjes zijn zoals het Castillo Templario en de Basilica de Nuestra Señora de la Encina. Nog één plaatsje stond er voor vandaag op de lijst alvorens aan te komen in Léon, maar Astorga betaald hier de prijs van de omweg van vanmorgen en moet ik helaas links laten liggen, via de Autovia gaat het rechtstreeks naar Léon, of het is te zeggen, naar de Camping Ciudad de Léon die ik op het laatste nippertje nog ontdekt heb op nog geen 10 km van het centrum ter vervanging van een faciliteit loze camperparking, 20 km van Léon. Terzelfdertijd ontdekte ik ook dat dat de stad zelf een camperparking heeft op loopafstand van het oude centrum, waar ik morgen graag gebruik zal van maken om te parkeren. Nu echter sta ik onder de lommerrijke bomen van de camping en laat me de gebraden kip, die hier wel lekker is, goed smaken.
Eigen websites: Reiswebsite; http://www.yohani.be/reizen/ Zelfbouw camper; http://www.yohani.be/campersite/

Gebruikersavatar
Waldorf
LROCB-Member
Berichten: 511
Lid geworden op: do 15 jul, 2004 15:59
lrocb_lidnr: 501
Woonplaats: Aalter

Re: Op Iberisch avontuur in Spanje

Ongelezen bericht door Waldorf » do 11 jul, 2019 15:17

Mooie trip.
Even een kort taalnazimoment: een deursponde bestaat natuurlijk niet. De sponning bestaat wel. Een sponde is archaïsch voor 'bed'.
Remember that the life of this world is but a sport and a passtime.

1979 SIII 88" 2,5 N/A (te koop)- 1991 Ex-MOD Defender 110 FFR - 2008 Defender 130 - 2014 D4

Gebruikersavatar
Yohani
LROCB-Member
Berichten: 907
Lid geworden op: za 13 mar, 2004 14:15
lrocb_lidnr: 64
Woonplaats: Putte (Mechelen)
Contacteer:

Re: Op Iberisch avontuur in Spanje

Ongelezen bericht door Yohani » do 11 jul, 2019 15:57

Zondag 16 juni
Vanmorgen dus maar een kilometer of 10 naar Léon waar ik me zoals gezegd op de camperplaats zet en dan nog een kilometertje te wandelen heb om in het hart van het oude centrum te geraken. Een erg leuke camperplaats trouwens, die ook al goed gevuld staat. Ik merk al gauw dat ik op deze zondag eigenlijk met gemak tot aan de rand van de oude stad had kunnen rijden, zo rustig is het in de stad. Zoals meestal in de steden zijn de religieuze gebouwen het opvallendst en dat is ook hier niet anders. Het is onwezenlijk hoeveel kerken er zo wel in een stad te vinden zijn. Maar de wirwar van kleine straatjes is dan weer erg gezellig met de vele restaurants en winkeltjes en de bouwstijl aangepast aan ieders persoonlijke smaak, maar toch vrij uniform. Vooral kleur, de vorm van smeedwerk en raam-en deurkozijnen geeft wat meer de smaak weer van de oorspronkelijke eigenaars of de nieuwe eigenaars na renovatie. Hier kom ik trouwens al wat meer huizen tegen die nodig toe zijn aan restoratie.
Afbeelding
Wat betreft de kerken zijn het vooral de portalen en soms de torens die met de meeste aandacht gaan lopen, deze zijn gewoonlijk overdadig versierd terwijl de muren vrij kaal en sober blijven. Ook in het interieur is het vooral het kansel en wat er achter staat dat de aandacht trekt met liefst veel bladgoud erin verwerkt en wat polychrome kleuren. Gewoonlijk zijn er dan in de zijwanden nog enkele taferelen uit de bijbel afgebeeld, in veel gevallen over Maria. Op torens en hoge daken zijn er hier overal ooievaarsnesten te zien die goed bevolkt zijn en hun geklepper klinkt soms straten ver. En de Spanjaarden houden blijkbaar ook veel van standbeelden, op pleinen in parken, of gewoon op de hoek van de straat. Soms serieuze mannen met macht en of van roem, maar even goed soms grappige taferelen. Vele balkons zijn ook nog eens voorzien van bloembakken met kleurige bloemen die alles een fleurig geheel geven. Van alle pleinen is het Praza Mayor steeds het overweldigendst, met de mooiste gebouwen, leuke terrasjes en het onmisbare standbeeld. Hier in Léon heeft het vandaag nog een extraatje: namelijk een bijeenkomst van de Fiat 600 club, ik denk dat er gemakkelijk 100 exemplaren op het plein staan, vele verschillende kleuren, heel oude met deuren die vooraan openen, 4 deurs versies, bestelwagentjes, cabrio’s met een weg schuifbaar linnen dak, en één vreemde eend in de bijt: een Fiat 600 sport. Een klein sportwagentje met een gans andere carrosserie en hoe kan het ook anders, een cabrio versie. Als je goed kijkt, merk je trouwens dat op sommige badges niet Fiat, maar Seat vermeld staat, die deze ooit in licentie gemaakt heeft. Tijd voor mij om terug te keren naar de camper, want er wacht me nog een andere stad om te bezoeken zo’n 150km verderop: Valladolid.
Afbeelding
Ik merk al vlug dat de oude N601 bijna volledig overgenomen is door de Autovia, een autoweg zoals je wil, wat nog wat anders is dan een autostrade, tolvrij onder andere, soms met 2 rijstroken, maar evengoed met maar 1 rijstrook en tegenliggers. Ook het landschap is drastisch veranderd. Weg zijn de bergen, canyons en bossen. In de plaats daarvan rijd ik door ligt glooiend landbouwgebied met een lappendeken van akkers, veel graan, net aangeplante maïs, nog andere groenten die ik zo vanuit de auto niet herken. Soms ook nog wijnranken en fruitboompjes. Heel af en toe een boerderij of een agrarisch industrieel gebouw voor verwerking van de producten, de dorpjes zijn dun gezaaid en wijd verspreid. Maar er worden hier niet alleen landbouwproducten geoogst, ook elektriciteit want naast de al gekende windmolenparken zie ik hier ook zonnepanelen parken, op een grote metalen voet gemonteerde zonnepanelen van wel 20m op 20m groot. Veel valt er onderweg niet te beleven en dit in combinatie met kaarsrechte wegen zijn een recept voor concentratieverlies. Ik las daarom een stop in Medina de Rioseco in, voor een kijkje bij de 2 kerken en het Plaza en Calle Mayor. Deze keer niet omdat ze speciaal zijn, maar gewoon even om de zinnen te verzetten en de benen te strekken. Het merkwaardigste is wel de levensgrote krokodil die als van de gevel naar beneden komt gekropen. De galerijen hier zijn ondersteund door houten palen in plaats van stenen zuilen. Ik slaag er daarbij nog maar een keer in om me bijna vast te rijden in de smalle straatjes van het dorpje. Even later is het dan weer de weg op.
Afbeelding
In Valladolid kies ik opnieuw om een stuk dichterbij het stadscentrum te parkeren, ook al omdat de camperplaats niet zo’n goede reputatie heeft als ik sommige reviews mag geloven. Op het eerste zicht lijkt dit een modernere stad, maar eens wat verder binnengedrongen komen de bekende bouwstijlen weer boven. Toch lijkt er hier nog meer met kleur gespeeld te worden wat de stad een lichte indruk geeft. Naast de Kathedraal, enkele kerken en het Colégio de Sata Cruz staat hier ook het huis van Cervantes. En tal van rijhuizen die het bewonderen waard zijn. Hetzelfde recept als bij de vorige steden, maar toch treed er nog geen stadsmoeheid, naar analogie van tempelmoeheid, waarbij het teveel van dergelijke bezoeken, begint af te stompen. Waarschijnlijk omdat elke stad toch weer zijn eigenheid heeft. Ik geniet er zelfs zo veel van dat het al na 19u00 is wanneer ik op de Camping El Astral in Tordesillas aankom. Het zwembad zal er dicht zijn tegen dat ik goed en wel op mijn plaats sta en ik moet nog even de hulp inroepen van de lokale mierenverdelger van de camping om enkele nesten rond de camper uit te roeien. Goed spul heeft die man trouwens want binnen de 10 minuten is er geen mier te bekennen! Op dan naar het restaurant waar ik gazpacho bestel, een koude tomatensoep en risotto. Beide zijn lekker, maar ik krijg er niet de helft van binnen, in zoverre dat de ober zich zorgen maakt dat het eten niet in orde is. Ik stel hem gerust dat met het eten en niets scheelt dat het ik eerder ben die niet goed is. Misschien de warmte en het vele wandelen vandaag? Een goede nachtrust zal daar wel aan verhelpen.
Afbeelding
Maandag 17 juni
Vanmorgen blijkt de melk zuur, al sinds het begin van het verlof weigert de ijskast op gas te werken en dus op de faciliteit loze camperplaatsen of wanneer ik op wandel ben in de stad of bij andere bezoeken, staat de ijskast steeds af, dat in combinatie met wat heen en weer geschut, geeft dit ranzige resultaat. Gelukkig is er hier een campingwinkel waar ik de voorraad terug kan aanvullen. Ik rijd nog even naar het centrum van Tordesillas om het Real Convento van Santa Clara te bekijken ( en waar ik nu nog steeds over twijfel of ik het wel gevonden heb), en het Plaza Mayor waarvan het wel duidelijk was dat ik er op stond. Het is dan een 70km rijden over weer een autovia naar Zamora, nog steeds begeleid door eindeloze korenvelden en af en toe een grote maaimachine. Langs de weg de altijd aanwezige gele brem die voor wat extra kleur zorgt en die ik zowel hier, in de bergen en aan de kust tegenkwam. Regelmatig zie ik valkachtige roofvogels over de velden vliegen opzoek naar knaagdieren als lunch. In Zamora kies ik opnieuw voor de camperplaats als parking, hier staan er slechts enkele campers, terwijl deze van Léon gisteren bij terugkeer overvol was. Ik maak ook gebruik van het sanistation om het grijs water te lozen, de toiletcasette deed ik vanmorgen op de camping al, want vanavond is het overnachten op een camperparking.
Afbeelding
Het Castillo dat als eerste aan de beurt is blijkt maar op 5 minuten wandelafstand van de parking gelegen, doch het neemt dan nog een keer 10 minuten eer je eindelijk een poort in de muur vind waarnaar een weg omhoog loopt. Al snel blijkt dat zowat de hele oude stad binnen deze kasteelmuren ligt, iets dat me niet echt duidelijk geworden was uit de reisgidsen. Na enkele mooie administratieve gebouwen en de eeuwige kerk (één van de vier!) kom ik bij de schitterende ruïne van het eigenlijke kasteel, waarvan de bezichtiging binnen helaas niet mogelijk is wegens gesloten (maandag = gesloten musea) door het Parque de Castillo wandel ik dan verder willekeurige straatjes in en uit, krijg enkele mooie (moderne muurschilderingen te zien, waarvan enkele zo levensecht dat ik niet besefte dat de stenen geschilderd waren op de muur. Ik besluit om tot aan het Plaza Mayor te gaan, maar eerst ergens binnen te stappen om een rozijnenkoek en een taartje te eten, want het is ondertussen weer al 14u gepasseerd! Dat betekent ook dat alle winkels op enkele uitzonderingen na gesloten zijn voor de siësta, een café of restaurant kan je gewoonlijk nog open vinden, maar zelfs deze zetten het terras maar pas op tegen de avond aan als het leven terug op gang komt. Desondanks het doodse gehalte wegens weinig volk op straat, is het toch een gezellige stad om in rond te dwalen en wie denkt omdat alles zich tussen de kasteelmuren bevind, er met een uurtje mee klaar te zijn, zal verbaasd moeten vaststellen hoeveel tijd er is overgegaan.
Afbeelding
Zo ook bij mij en ik stel vast dat het 16u is tegen dat ik terug bij de auto ben en Salamanca nog 70km verderop ligt. Het rijden op de autovia verloopt weer erg vlot, je ziet dus bijna geen verkeer op die wegen, en even voor vijf sta ik aan de rand van de stad geparkeerd om enkele foto’s, van mooie gebouwen die ik zojuist passeerde, te maken. In de haast om dat te doen, niet goed gekeken en blijkbaar gemist dat ik een groene betalende zone stond, met als resultaat een boete van 90€ tussen de ruitenwisser, maar om één of andere rare reden gereduceerd met 50% (zo vermeld op het papiertje). Even verhaal proberen te halen bij de parkeerwachter mag niet baten en dus begin ik mijn stadsbezoek onder een slecht gesternte. Voor dat bezoek heb ik de auto verplaatst naar een plek mooi in het midden van het centrum omringd door indrukwekkende kerken en voorzien van een betaald parkeervignet. Deze stad is echt wel bijzonder, het lijkt wel of elk gebouw hier opgetrokken is met maar één doel, te imponeren. Alle, maar dan ook alle gebouwen zijn opgetrokken uit grote vierkante blokken op marmer lijkende stenen, zonder voegen en om ter grootst. Waanzinnig grote kerken, pompeuze colleges en universiteiten (Salamanca is een internationale studentenstad) en elk ander gebouw dat niet voor hen wenst onder te doen! Dit is wel één van de mooiste steden die ik al zag, maar de keerzijde van die medaille is dat dit allemaal gecreëerd is met de rijkdommen die uit Midden- en Zuid Amerika geroofd zijn. Ten koste van hele lokale bevolkingsgroepen. Moest Zuid- en Midden Amerika die geroofde sommen opeisen met rente, Spanje zou meerdere keren failliet zijn. En je ziet wie die rijkdom ten goede kwam, de kerk, de staat en een handvol gegoede adel. Maar dat is weer een ander verhaal. En ik laat het niet de pret van het stadsbezoek verpesten.
Afbeelding
Terug naar de camper en even twijfel of ik niet hier zou overnachten, maar dat betekent weer 80km erbij voor morgen, langs de andere kant ben ik niet zo gerust in de volgende camperplaats, naast de Autovia gelegen, maar met alle faciliteiten wordt beloofd. En dus wordt het opnieuw kilometers vreten. Op 40km van Avila bereik ik de geplande overnachtingsplaats en dat begint al goed, want die ligt aan de andere richting van de autoweg, dus 10km terugkeren. Wanneer ik dan bij het Repsol tankstation aankom, staat er niets fatsoenlijk aangeduid en als ik dan toch de plaatsen vind ligt er daar een berg oud ijzer op de staanplaatsen met elektriciteitsaansluiting en een rood met wit lint. Dat maakt mijn besluit alleen maar gemakkelijker: op naar de camperplaats van Avila onder de muren van de stad, maar zonder faciliteiten weliswaar, maar daar heb ik tenslotte een camper voor. Er verschijnen zowaar opnieuw bergen aan de horizon en de akkers hebben plaats moeten maken voor weides waarin heel wat rotsblokken lijken rondgestrooid. Maar de apotheose komt er als ik de stad nader. Van op een heuvel, waar een mirador is aangelegd heb ik een schitterend zicht op de ommuurde stad met zijn talloze ronde torens. Wat een panorama! En er vlak onder met prentbriefkaartuitzicht zie ik reeds de camperparking, of hoe een tegenslag beloond wordt met een extra mooi plaatsje voor vannacht. Het is ondertussen wel al 21u,maar wie maalt daarom. Op de camperparking staan reeds een 10-tal campers verspreid over de parking (het is eigenlijk geen echte camperparking maar een mixt camping waar bussen, auto’s en dus ook campers terecht kunnen). Ik plaats me erbij en maak natuurlijk een foto met de camper en de prachtige omwalling op de achtergrond. Nog even snel wat opwarmen om te eten en dan valt de nacht al in. Dat geeft de stad nog een extra dimensie met de verlichte muren, heel mooi!
Dinsdag 18 juni
Afbeelding
Als je dacht dat er vanmorgen niet moet gereden worden, heb je het mis. De parking mag dan “onder de muren” van de stad gelegen zijn, het blijft een stevige wandeling en helemaal in stijgende lijn tegen de helling op. Daarom opteer ik ervoor de camper toch wat dichterbij, echt recht onder de muur te parkeren, wat me nog steeds een wandeling van 10 minuten omhoog kost om bij een poort te geraken! Voor 60 cent mag ik er tot half zeven vanavond blijven staan, daar vind je bij ons nergens een plaatsje voor! De stad is naast zijn in perfecte staat verkerende Middeleeuwse omwalling tevens bij de katholieken bekent om de heilige Theresia, zover ik kan uitmaken niet Moeder Theresa. Een eerste wandeling door de stad brengt me al bij het klooster dat gebouwd is rond en over haar geboortekamer, naast die beruchte kamer, allerhande geschilderde portretten van haar met of zonder andere heiligen, spullen die aan haar (zouden) toebehoord hebben, geschriften (boeken) van haar en boeken in alle talen over haar en dat hele zalen vol. Om de hoek de kerk, eveneens aan haar gewijd, en ernaast nog een gebouw met de relikwieën en souvenirs van Santa Theresa. Het meest lugubere daar is het relikwie met de ringvinger met nog 2 ringen eraan van de dame in kwestie erin verwerkt. Niet in al te beste staat trouwens, die vinger, in verregaande staat van ontbinding met niet menselijk haar erop! Daar is de zool van een sandaal die ze ooit droeg en een stukje stof van haar habijt maar klein bier tegen!
Afbeelding
Verder op wandel door de steegjes en het valt me meteen op dat binnen de muren de huizen eigenlijk niets speciaals hebben, niet de balkons of de erkers, weinig of geen gevelversiering. Vrij alledaagse huisjes eigenlijk, niet het charmante oude stadsdeel dat ik al in zovele steden tegen kwam. Het is dan ook tekenend dat in de reisgidsen naar de muur, de (80 ! ) torens en 8 poorten en voorts naar het Convento van Santa Theresa, met bijbehorende kerk, de kathedraal, nog een kerk en de buiten de muren liggende basiliek wordt verwezen. Hier geen verwijzing naar gezellige wandelstraatjes of zelfs een Praza Mayor. Dan maar via dat onbenoemde Praza Mayor richting Kathedraal dat weer een gebouw is om van omver te vallen. Ondanks het plompe geheel, maken vele kleine en grote torens met daarop kleine uitstulpingen het toch verfijnd, alsof er een kanten doek over een doos is gegooid. Ik wandel langs de muur naar enkele van de poorten die toegang geven tot de stad. Twee van die poorten geven ook toegang tot een wandelpad bovenop de stadsmuur. Een korte en een lange. Ik opteer alvast voor de korte en ben al buiten adem genoeg om boven te raken. Van hieruit kan je dan nog enkele van de torens beklimmen en het valt dan toch wel op, hoe hoog die muren wel waren. Maar de ontwerper had toch wel een fobie wat betreft die torens! Met de helft minder was het ook wel gelukt! Denk ook eens aan de bouwers van die muren, paleizen en kerken, die beschikten toen nog niet over de kranen en andere hulpmiddelen, waar we nu over beschikken en kijk eens hoe lang men raamt om de Kathedraal in Parijs opnieuw in orde te hebben, en daar staat nog heel veel van recht.
Afbeelding
Na het wandelingetje op de muur is het tijd voor de lunch, op een terras in de schaduw van een luifel. Blijkbaar is de school uit (ik vermoed dat die ook de siësta hebben en pas later op de dag terug naar school gaan) en de kinderen komen in drommen langs op weg naar huis, dat blijkbaar buiten de muren ligt. De kleinere begeleid door hun mama’s. Geen tijd voor een siësta voor mij. Nog even de Basiliek opzoeken, die heel wat minder indrukwekkend is dan de kathedraal trouwens, geen wonder dat die niet binnen de muren mocht! Ik ga dan op weg om het tweede stuk muur te bewandelen, maar dat behelst de hele noordkant van de stad en dat betekent opnieuw een heel eind bergop om terug bij de camper te komen, terwijl ik nu net gewoon naar beneden kan wandelen. Maar het is vooral de tijd die me uiteindelijk naar de camper drijft, buiten deze stad en Segovia staat er niets anders op de planning vandaag, maar ik moet ook nog tot op de camping in Madrid geraken tegen vanavond.
Afbeelding
Net als de vorige dagen is het landschappelijk niet veel zaaks, of je moet van rollende akkers houden, in Segovia ga ik nog eens proberen diep in het hart van de stad binnen te dringen met de camper. En dat lukt zo goed dat ik op nog geen 5 minuten wandelen van het hoofdplein geparkeerd sta! Niet zonder af en toe in zulke smalle straatjes terecht gekomen te zijn dat de afslag van 90° in een zijstraat niet mogelijk was en de GPS een omrijroute moest berekenen, die je dan in nog nauwere schoentjes brengt natuurlijk. Maar ik sta er, heelhuids en met een beetje geluk dat een fan die een foto van de camper neemt, vervolgens met zijn auto wegrijd en ik een plaatje heb. Dat gebeurt nogal, dat ze een foto van de camper nemen bedoel ik, dat wegrijden helaas minder. Even geldstukken wisselen in een winkeltje, de parkeermeter voeren en op trot naar de kathedraal en het aangrenzende Plaza Mayor. Hier terug de nu zo bekende Spaanse stijl van de oude centrumsteden, die in Avila ontbrak, één van de troefkaarten van de stad zag ik trouwens bij het naderen van de stad al: het enorme aquaduct dat door de Romeinen werd gebouwd en nog steeds strak in zijn jasje zit. Ook bezienswaardigheid nummer 2 was toen trouwens zichtbaar: het Alcazar, zoals het kasteel hier noemt. Maar dat komt later aan de beurt, eerst nog de Iglesia de San Martin en de Iglesia de Santa Cruz met een bezoekje vereren en even binnen gluren. Ook de Torréon Lozoya komt dan nog aan de beurt.
Afbeelding
Terug naar de auto, juist op tijd voor het ticket verloopt en dan dwars door de stad om het Alcazar te bereiken. Een oud ventje in zijn aftands wagentje snijd me de weg af om in de enige vrije parkeerplaats te duiken, maar ja oude mannetjes in elkaar slaan maakt je niet populair denk ik dan. Dan maar enkele honderden meters verder parkeren en terug wandelen. Met als dank een mooi uitzicht op het kasteel uit een hoek die je anders nooit had gehad. In het aangrenzend park is men met werkzaamheden bezig en het is hier wel erg druk, er staat een lange rij mensen te wachten om het kasteel per rondleiding te verkennen. Dat gaat me veel te veel tijd kosten, dus houd ik het maar bij de buitenkant, die ook zeer de moeite is, en naar verluid zelfs een inspiratiebron was voor Walt Disney voor één van zijn sprookjeskastelen. Maar dat zegt men wel van meerdere burchten. En toch niet de traditionele vorm van een kasteel met in het midden de rechthoekige, plompe donjon geflankeerd door meerdere torens. De ophaalbrug zal in elk geval erg doelmatig geweest zijn in zijn tijd, want het kasteel staat op een alleenstaande rots, los van de rest van de stad en errond gaapt een diepe afgrond. Bij het verlaten van de stad zie ik dan ook nog Monestaria de Santa Maria del Parral liggen in de vallei en zo kan ik met gerust hard richting Madrid rijden.
Afbeelding
Ondanks het late uur en de extra kilometers blijf ik toch bij het plan om via het Parque Regional Cuenca Alta Manzanares te rijden. Even weg van de oneindige landbouwvelden en terug kronkelend door de beboste bergen met haarspeldbochten, snelheidsremmers in de dorpjes en de vele ronde punten. De route brengt me over de Puerto Navacerrada, één van de hoogste die ik hier al gedaan heb volgens mij, niet ver onder de 2000m. Rond 20u meld ik me dan bij de camping Osuna Madrid aan, waar ik naast de normale administratie ook ineens de info krijg hoe ik morgen met de metro in het stadscentrum geraak. Wel zo netjes. Nog even de watervoorraad in orde brengen, het afvalwater lozen en dan een plekje zoeken, het restaurant was vandaag gesloten, maar dat deert me niet, een blikje open trekken en binnen 10 minuten staat er eten op tafel.
Afbeelding
Woensdag 19 juni
Vanmorgen rustig aan gedaan want ik wil toch maar na het spitsuur de metro nemen, kwestie van de grootste drukte uit de weg te gaan. Eens op weg blijkt het toch nog een fameuze afstand tussen de camping en het metrostation. En ook de afstand die de metro aflegt is best wel een eind, maar de camping ligt dan ook een kilometer of 10 van het stadscentrum. Mijn tactiek om te wachten tot na het spitsuur heeft gewerkt, want er zijn zelfs nog van de schaarse zitplaatsen vrij. Zo is het rond 11u00 tegen dat ik in de stad de wandeling volg die in mijn Lonely Plant gids beschreven staat en die aan de Plaza de Oriente begint, het park voor het Koninklijk paleis. Na de standbeelden van Spaanse heersers in het park komt dan het Palacio Real zelf aan de beurt, nog enkele minuutjes wachten voor de wisseling van de wacht ter paard, maar ook daarna blijft er bedrijvigheid er duiken een heleboel mannen in zwart kostuum en dito zonnebril op aan de poort en ook de politieaanwezigheid is plots een stuk groter. En ja hoor een kolonne zwarte auto’s komt aangereden met vlaggetjes op de bumpers en zwart getinte ruiten. Dat het de koning zelf is valt te zien omdat de vlag wordt gehesen op het paleis, die aangeeft dat hij aanwezig is. Eens dat voorbij verdwijnt het volk, dat in massa stond toe te kijken, terug de stad in.
Afbeelding
Ik wandel naar de Catedral de Nuestra Señora de la Alumeda, die naast het paleis gelegen is en in dezelfde bouwstijl en met dezelfde materialen gebouwd werd. Ik laat me dan ook verleiden tot een kijkje in het museum en de kathedraal. Men zegt wel eens dat het niet al goud is dat blinkt, maar in het museum zal het toch niet veel schelen. Allerlei kruisbeelden, andere relikwieën, tot zelf in de kleding toe is er gouddraad gebruikt. Natuurlijk rijkelijk voorzien van edelstenen en ook diamanten ontbreken niet. Preekte Jezus geen bescheidenheid, blijkbaar heeft de kerk daar een paar bladzijden overgeslagen. Maar geen nood, andere godsdiensten zijn in hetzelfde bedje ziek… . Zoals ik hier al in meerdere gebouwen opgemerkt heb waren ook de Belgische en zelfs Vlaamse wandtapijtenmakers gegeerd, want ook hier hangen er weer enkele de muren te sieren, eentje ervan uit het Brusselse. Er was natuurlijk ook een tijd dat de Spanjaarden over de verenigde Nederlanden heersten. Bij het museumbezoek hoort ook een bezoek aan de dome van de kerk en dat betekent een hele resem trappen natuurlijk. Maar het is de moeite waard voor het uitzicht over Madrid. Je verlaat het museum dan via de kathedraal zelf (het gebouw waarin het museum gevestigd is, maakt er inherent een deel van uit), en daar mag je in tegenstelling tot in het museum wel naar hartenlust foto’s (zonder flash) nemen en filmen.
Afbeelding
Als laatste kan je dan nog in de crypten een kijkje nemen waar je letterlijk over de graven loopt die in de vloer zijn ingemetseld, één graf is daarbij extra opmerkelijk omdat het van een slachtoffer is van de terroristische aanslag in Madrid. In de zijkappellen zijn dan de grafkelders van de meer gegoede families van Madrid en op de bordjes op de hekken merk je dan ook titels als graven en markiezen en dergelijke. De begravingen lopen over een termijn van begin 19e eeuw tot 2017 als recentste (die ik zag), maar is nog steeds in gebruik. Het indrukwekkendste van de hele crypte is het woud aan zuilen, die moeten namelijk het gewicht van de kathedraal erboven kunnen dragen. Blijkbaar worden er ook diensten gehouden (ik vermoed de begrafenissen) want er staan banken en een kansel met enkele heiligenbeelden. Terug buiten is het maar de straat over te steken naar de restanten van de Muralla Arabe, de Arabische stadsmuur van de tijd dat de moren over een groot deel van Spanje heersten. Het bijbehorende parkje noemt trouwens het Emir Mohamed I park. Omhoog de Calle Mayor volgend kom ik dan aan wat de restanten van de eerste kathedraal van Madrid, doch in de reisgids spreken ze van een ruïne, ik zie alleen een nogal gewoon kerkje? Ook wel gek dat een stad zoals deze een hoofdstraat heeft, die dan nog verre van de belangrijkste is, de enige logische reden die ik kan bedenken is dat ze aan de Plaza Mayor voorbijkomt, dus er zelfs niet op aansluit hé!
Afbeelding
Maar voor ik daar ben, kom ik nog voorbij aan het Plaza de la Villa, omgegeven door gebouwen in Barokke bouwstijl, dus vrij strak en zonder veel tralala om het wat oneerbiedig te zeggen. Het middaguur is reeds gepasseerd en ik moet nog lunchen. Een uithangboord met foto’s van verschillende soorten Paella’s verleid me om een restaurant binnen te stappen. Hier hebben ze er geen boodschap aan dat men minstens met 2 personen moet zijn om Paella te kunnen bestellen zoals in zovele restaurants. Ik ga voor de Mixta, die naast de zeevruchten ook kip bevat, en hij is lekker hoor. Het is een beetje jammer dat ik moet zeggen dat de vleesgerechten mij tot hier toe weinig kunnen bekoren hebben in Spanje, maar de rijstgerechten daarentegen… . Had ik nog even verder gewandeld had ik ook in het Mercado de San Miguel kunnen eten, de oudste overdekte markt van de stad, nu vooral bekent om zijn hippe restaurants, maar ook als stek voor de lokale mensen. Als hoofdstad heb je natuurlijk een imago groot te houden en de Plaza Mayor is dan ook groots opgezet. Maar vooral ook leeg, de randen zijn zoals gewoonlijk bezet door allerhande terrasjes, maar je ziet hier weinig of geen straatartiesten, bedelaars, zwervers, maar ook geen standbeeld bijvoorbeeld. Alle luister moet uitgaan van de omringende gebouwen met de arcades en dat lukt aardig moet ik zeggen. Er komt ook geen straat gewoon uit op het plein, alle toegangen zijn via poorten in de arcades. In mijn geval was dat via de wijnkelders van St Miguel en de Arco de Cuchilleros.
Afbeelding
Via een kleinere passage wandel ik door een passeo met winkeltjes en één van de bekendste chocolaterieën van de stad. Een lekkernij in combinatie met die andere lekkernij van het land, de churros, een langwerpig gebakje. Zo heb ik me toch laten vertellen, want zelf heb ik het nog niet geprobeerd. Enkel stappen verder vind je dan de een van de langst staande christelijke gebouwen van de stad, langs de Calle del Arenal, de winkelwandelstraat van Madrid. Maar het zou Spanje niet zijn of er komen toch auto’s door gekropen, taxi’s vooral, maar ook van de openbare diensten. De wandeling in mijn reisgids eindigt hier even verder bij het Convento de las Descalzas Reales en ik heb wat tijd nodig om te bezinnen wat ik nu ga doen. Het is nog te vroeg om al naar de camping terug te keren. Ik lees er de digitale reisgids op na op mijn tablet en besluit dat het El Retiro park me het meest aantrekt, dat betekent wel dat ik het Sol en Santa Ana deel van de stad nog door moet. Ik kies daarvoor lukraak opnieuw voor de Calle del Arenal die verderop niet meer autovrij is en erg druk door wegwerkzaamheden, maar wat een gebouwen! Het ene monumentale gebouw naast het andere, nu bezet door banken, hotels, ministeries en alles wat je maar wil. Echte tempels zijn het, stadskastelen met als enige doel van te pronken. Standbeelden tot op het dak, en geen kleintjes hé, bronzen standbeelden met meerdere figuren van enkel tonnen! Dakkoepels waar menige kerk jaloers op zou zijn, en half reliëfs die in elke Griekse tempel geen gek gezicht zouden slaan. Van sommige zou je op straat niveau niet eens merken dat het zulke opmerkelijke gebouwen zijn, want daar heersen de shops met hun moderne vitrines, uitgezonderd bij de boven alles uit springende, over de top, statige paleizen die geen straat langs hun gevel tolereren en zich daarvan distantiëren door middel van hekkens en voortuinen.
Afbeelding
Als apotheose staat er dan op de Plaza de la Independencia een triomfboog met de bescheiden naam Puerta de Alcala. Hier begint ook het Parque del Retiro en dit is tevens de museumwijk voor diegene die interesse hebben in kunst. Het Museo del Prado is daar alvast het bekendste van. Ik houd het echter bij het park, maar zoek eerst wat verfrissing met een nieuw flesje koude frisdrank en een ijslolly om wat af te koelen. Op de geasfalteerde weg door het pak wandelt, skate, fiets, stept, jogt de jeugd en de al wat oudere fitnessadepten. Op de grote vijver met opnieuw een mooi gebouw aan de overkant wordt er duchtig geroeid, zwemmen, kan of mag hier blijkbaar niet. Alleen de eenden, vrij grote vissen en volgens een kleine jongen tegen zijn moeder, een schildpad, mogen dat wel. Ik begin nu echt wel vermoeid te geraken en voeten, benen en rug laten me weten dat het welletjes is geweest. Tijd om de metro op te zoeken en terug camping waards te keren. Geen directe verbinding met lijn 5 hier en het enige station waar de overstap mogelijk is, is gesloten voor renovatie. Dat betekent uitstappen op Plaza de la Puerta del Sol en te voet naar Metrostation Opera stappen, voor de vermoeide lichaamsdelen is dat niet zo prettig, maar het plein mag dan niet het mooiste zijn, het is wel het levendigste, met ongelooflijk inventieve straatartiesten die uren lang in onbegrijpelijk onevenwichtige poses staan af en toe bewegend om te laten zien dat ze wel echt zijn.
Afbeelding
Stel je een motorcrosser voor die springend met zijn motor, zijn hele lichaam los van de motor op de handen na op het stuur over een bergje springt! Hoe ze het doen is natuurlijk hun geheim en er zal wel ergens een ondersteuning zijn, maar die is zo ingenieus onzichtbaar gemaakt dat je vol bewondering naar dit staaltje mimiek kan blijven kijken. Enkele anderen doen soortgelijke dingen met een Vespa op een wilde rit met bijzitter of een duo skateboarders. Menselijke standbeelden, jullie hebben afgedaan, dit is de nieuwe standaard! Mijn eerste gedacht was om Metrostation Callao dat ongeveer even ver van het plein ligt te nemen, maar de winkel wandelstraat is een echte mensenzee waarlangs er geen doorkomen aan is. Dus naar Opera, waar ik de metropas eens laat checken, want volgens mij heeft die 20 ritten (2x10) opgeladen in plaats van 2. En inderdaad zit ik nu met en surplus van 17 ritten! Komt ervan als je met de kaart betaald aan de automaat. Een behulpzame metrobediende probeert nog op zijn minst 1x10 ritten voor me te recupereren, maar helaas de automaat weigert alle teruggaven, zelfs wanneer hij met zijn dienstkaart tussenkomt. Ik geef de kaart dan maar af aan de receptie van de camping voor gebruik door een volgende vakantieganger (ik kreeg zelf ook de lege kaart, wat me 2,50€ uitspaarde, van de receptie). Moe als ik ben heb ik geen zin meer in een restaurantbezoek en na het copieuze middagmaal niet veel honger ook niet, dus volsta ik met een kop noedels. Nog wat schrijven en dan de ondertussen stijve ledematen te rusten leggen.
Afbeelding
Donderdag 20 juni
Vanmorgen dus vertrek uit Madrid, hier is het dus wel een stuk drukker dan wat ik de laatste weken al heb gezien. Ook op weg naar Toledo blijft dat zo, de autovia zit goed vol. Ik merk dat hier in het binnenland een stuk meer autosnelwegen doe dan gepland, maar laat ons wel wezen, het landschap heeft hier niets extra’s te bieden, bezienswaardigheden zijn er niet opgenomen op de planning en de normale weg loopt eigenlijk bijna parallel aan de autoweg, en kruist die meermaals. Alleen in de dorpjes loopt die door de dorpscentra met veel ronde punten (glorietta noemt men dat hier), veel snelheidsremmers en veel wisselende snelheidsbeperkingen die de kans op een boete verhogen. Ik ben de eerste om kleine kronkelende bergwegels op te zoeken als dat kan. Maar als er geen toegevoegde waarde is, hoeft het ook perse niet. Tot in Toledo blijft het dus redelijk druk, maar dat is niets vergeleken met de stad zelf. Dat er hier iets te doen is vandaag, valt niet te betwijfelen, straten en parkeerplaatsen zijn afgezet met nadar, elk beschikbaar parkeerplaatsje is ingenomen en zelfs een heel deel die daarvoor normaal niet in aanmerking komen. Zelfs de grote parkeerplaatsen beneden, aan de rand van de stad (het oud centrum ligt boven op een rots), zijn volledig overbelast.
Afbeelding
Uiteindelijk vind ik na zowat een uur op aangeven van een andere parkeerder een volledig verwaarloosd parkeerterrein, alleen bereikbaar via een stijl zandwegje. Hier staat maar een auto of 5 en het ziet er nu niet meteen de meest betrouwbare plek uit, maar ik ben al lang blij een plek gevonden te hebben. Nu mag ik nog wel te voet naar boven, via een zigzaggend wandelpad dat me bij een fraaie poort in de stadsmuur brengt. Ook van deze stad staat er in de Lonely Planet een wandeling beschreven, alleen kom ik bij het einde aan en moet dus alles in omgekeerde volgorde doen, en geloof me, dat is niet zo simpel als het lijkt! Wat in één richting een logische route kan zijn, hoeft dat nog niet in omgekeerde volgorde te zijn. Ik begin alvast met de lunch, want ondertussen is het ook alweer middag, en ik krijg weer een mooi staaltje van het ontbreken van elementaire beleefdheid van de ober te zien. Eerst nog bij andere potentiële klanten, die eieren voor hun geld kiezen en ostentatief bij de buren op het terras gaan zitten, maar na het verorberen van mijn pizza wordt ik bij het vragen naar de rekening straal genegeerd. Na een kwartier vind ik het welletjes, pak mijn spullen en ga zelf naar binnen en vraag daar dan de rekening, met de vermelding dat ik er al een kwartier op wacht. Het hoeft geen betoog dat er deze keer geen wissel- of drinkgeld achter blijft.
Afbeelding
Maar goed, op weg dan naar de eerste plek (of de laatste in het geval van de reisgids), het Monasterio San Juan de Los Reyes. Dat viel nog goed mee, want je kon de kerk al vanaf de poort waar ik door kwam zien staan. Ook de synagoge Santa Maria la Blanca vind ik nog gemakkelijk en daar ga ik ook binnen een keer een kijkje nemen. Weer heel anders dan de katholieke of protestantse kerken, vooral ook erg leeg. Maar dat is meteen misschien een wrange herinnering aan vroeger, toen de joden en moslims hier verjaagd werden en dit lang voor WW 2. De wijk waardoor ik momenteel wandelde was toen trouwens de joodse wijk. Om het cultureel centrum te vinden van waar zij via enkele kleine passages naar beneden gekomen zijn, wordt wel een probleem. Ik improviseer dan maar wat en denk het eindelijk toch gevonden te hebben, ondergebracht in een voormalige kerk. De kathedraal kan je niet missen zelf al zou je het willen, ik ben nu echt wel in het hart van de stad en het is hier ontzettend druk, Aan de balkons hangen allerhande vlaggen, overal linten en andere feestversiering, en vooral de dames zijn op hun paasbest gekleed. Naast de kathedraal op het Plaza Mayor wordt er een podium opgebouwd en stoelen klaar gezet, ik hoor spreken over een processie, maar heb geen idee of die nog moet komen of al voorbij is. Aan het hekken van de kerk hangen er voor de gelegenheid wandtapijten die er al erg oud uitzien. En in het portaal staat een foto van diezelfde kerk omringd door bloemstukken.
Afbeelding
De kramen met meeneemvoedsel hebben hun voorraad klaar liggen en de straten lopen bomvol mensen, je zou er zowaar claustrofobie van krijgen. Je merkt ook goed dat het vooral om de lokale bevolking gaat, want bij de bezienswaardigheden die niet in hartje centrum te vinden zijn, is er een normale drukte. Alleen op het Plaza Zocodover, waar ook weer alle gevels versierd zijn is het nog erg druk, doch lijkt het of wat daar moest plaatsvinden reeds voorbij is, want de provisoire stroomkabels die werden opgehangen, worden alweer weggehaald door de gemeentediensten. Het plein lijkt bovendien een verzamelpunt waar alle buslijnen van de stad samenkomen en dus is het een komen en gaan van autobussen, gooi daar af en toe nog een toeristentreintje en wat gewoon verkeer tussen en het wordt chaos. Eens bij het Alcazar wordt het een stuk rustiger, alleen de buitenzijde is te bekijken, want dit is nu een militaire kazerne. Daartoe is ook een deel van het kasteel van een moderne aanbouw voorzien. Wat nogal afbreuk doet aan het geheel vind ik persoonlijk. Vanaf de weg rond het kasteel heeft men een mooi uitzicht op de vallei, die aan deze zijde niet zo druk bebouwd is. Een kloostergebouw, een militair uitziend geheel dat eerder misschien een paleis was en een klein castillo waarover in de reisgidsen met geen woord gerept wordt, en dat is het zo wat. Hiermee ben ik aan begin, en voor mij dus het einde, van de beschreven wandeling gekomen, alhoewel ik moet nu nog de hele stad rond terug naar de parking. Het lijkt me het beste de stadsmuren te volgen, dat levert nog enkele mooie plaatjes op, en ik zie nog enkele knappe poorten die toegang tot de stad geven. Maar het is toch een tocht van een kilometer of 2 en dat begin ik stilaan in de benen te voelen. Gelukkig blijk ik sneller terug op mijn vertrekpunt dan gedacht en vind de camper ook nog eens ongeschonden terug.
Afbeelding
Mij volgende bestemming en normaal ook de eindbestemming voor vandaag is Consuegra, niet voor het stadje zelf deze keer, maar voor zijn kasteel en windmolens op de berg naast het dorpje. Een op sommige plaatsen smalle weg leid naar boven en zorgt voor prachtige panorama’s met windmolens, een kasteel of een combinatie van beide. Twee van de molens kunnen bezocht worden, a rato van 1,50€ per molen, en één molen kan (buiten) in werking gezien worden indien er voldoende wind is en er geen technische problemen zijn (of als je te laat bent zoals ik). Ook voor een bezichtiging van het kasteel is het te laat en dus opteer ik er maar voor om nog een stukje verder te rijden tot in Alcazar de San Juan waar er een echte camperplaats is, in tegenstelling tot de gedoogplaats in Consuegra. Op die eerste kan je ook drinkwater innemen en grijs water lozen, maar dat heb ik vanmorgen voor vertrek op de camping nog in orde gebracht. Dat het een luidruchtige parking zou zijn, was te denken, zo in het midden van een dorp, doch dat het meeste lawaai tot rond 24u00 van een aantal families met luide discussies en spelende kinderen zou zijn, had ik nu toch echt niet verwacht. Je zou bijna gaan denken dat ze het er om deden, want ze gingen pal achter de 3 geparkeerde campers op de banken zitten.
Afbeelding
Eigen websites: Reiswebsite; http://www.yohani.be/reizen/ Zelfbouw camper; http://www.yohani.be/campersite/

Gebruikersavatar
Yohani
LROCB-Member
Berichten: 907
Lid geworden op: za 13 mar, 2004 14:15
lrocb_lidnr: 64
Woonplaats: Putte (Mechelen)
Contacteer:

Re: Op Iberisch avontuur in Spanje

Ongelezen bericht door Yohani » do 11 jul, 2019 17:12

Vrijdag 21 juni
De rest van de nacht is het gelukkig vrij rustig geweest, meeste last had ik van mijn eigen hoest, nu ik de CPAP niet kon gebruiken wegens geen stroom. Normaal is dit één van de laatste camperparkings op de planning en zijn de rest campings, dus dat zou geen probleem mogen vormen. De windmolens in Cuenca hadden we al gehad, de volgende zijn in Campo de Criptana. Hier echter geen kasteel, maar staan de molens tot in het dorp dat deels op dezelfde heuvel is gebouwd. En nog zijn de molens niet op, want in Mota del Cuervo staan er nog een aantal, maar wel weer met de mogelijkheid om enkele van de molens te bezoeken. Waar ik dit vorige keer niet deed, opteer ik nu wel om een kijkje te nemen.
Afbeelding
De eerste molen waarin ook de toeristische dienst gevestigd is, hebben ze intact gelaten en is ook nog in werkende staat (alleen nu niet jammer genoeg) er zijn alleen wat werktuigen en andere maalderij gerelateerde zaken bijgevoegd uit de juiste periode natuurlijk. De tweede molen is ingericht als museumpje en daaruit is het ganse mechanisme verwijderd, zodat er twee ronde ruimtes overblijven (3 als je de gelijkvloers meetelt waarin de souvenirwinkel is gevestigd). Hier meer algemene, alledaagse gebruiksvoorwerpen van de periode waarin de molens in gebruik waren. Het landschap onderweg is ook licht gewijzigd, nog steeds landbouw, maar dan overheersend fruitteelt en ik meen zelfs olijfboompjes te herkennen .Ter afwisseling is er in Belmonte dan weer een Castillo van op afstand en een kerk en convent van dichtbij te bewonderen. Er staan zelfs nog een tweetal windmolens, niet bepleisterd en witgeschilderd zoals de andere, maar gewoon in dezelfde natuursteen als de huizen.
Afbeelding
Ondertussen wijzigt het landschap een stuk drastischer, want glooiend wordt heuvelachtig en je mag even later zelfs van bergen spreken, met heuse rotswanden! Die verandering was ook wel te verwachten gezien Cuenca een bergdorpje is boven op een rots. Al met al is het toch alweer wat later tegen dat ik in Cuenca aankom, nu zou dat volgens de planning de overnachtingsstop geweest zijn, maar ik heb het niet kunnen laten van de route en dus de overnachtingsplaats aan te passen, omdat mijn oog in de wegenatlas op een route viel die me wel aanstond.
Afbeelding
Nu dacht ik snel klaar te zijn met dit stadje omdat de bezienswaardigheden hier zich beperkten tot de Casas Colgadas, de hangende huizen, en de kathedraal en een uitzichtpunt. Niet dus, parking was geen probleem, er was die betalende camperparking, die normaal als overnachtingsplaats zou dienst gedaan hebben, maar die ligt aan de voet van het oude stadscentrum. Het is vanouds weer erg warm, en dat moment van de dag dat dan nog ietsje warmer is dan de rest en de slimme Spanjaard overslaat met een siësta, en de domme toerist een beetje door de steile straatjes gaat paraderen… . Het is al een hele calvarietocht om boven te geraken en dan sta je daar en merk je dat elke weg die verder loopt ook weer omhoog gaat. Ook merk ik dat op het lijstje met bezienswaardigheden nog wat ontbrak, het is namelijk zo’n stadje waar je kan in blijven ronddwalen, kleine steegjes volgen, pleintjes ontdekken, tunneltjes doorlopen en van het landschap rondom het hooggelegen dorp genieten met oprijzende rotswanden met zovele grotten erin. Ik laat me dan nog verleiden tot een kathedraalbezoek, dat best wel de moeite waard was, daar niet van, met o.a. een prachtige uitbeelding van het laatste avondmaal, levensgroot met tafel en alle personages, bijna levensecht. En dan zijn er natuurlijk nog de hangende huizen, gebouwd op het randje van de afgrond met balkonnetjes en erkers die over die afgrond hangen. Als eigenaar moet je alvast geen hoogtevrees hebben! En ramen lappen lijkt me ook een sterk kunststukje!
Afbeelding
Zo op de willekeur een stadje doorkruisen heeft ook zijn nadelen, want waar moest je ook al weer zijn? Ik wist de algemene richting nog wel zo’n beetje, maar begon toch te twijfelen, na dat ik terug beneden stond en niets leekt te herkennen, even vloeken op de batterij van de smartphone die het nog geen half uur volhoud met Maps.me en dan maar vragen aan de lokale mensen. Gelukkig zat ik wel goed en moet ik gewoon nog een stukje verder. Nog even wat zoekwerk om de parkeerautomaat te vinden om mijn ticket te valideren en af te rekenen voordat de slagboom naar boven gaat en ik ruim baan heb. Ik blijf nog wat in de bergen en ben op weg naar Salto de Villalba, de omweg die ik uitgedokterd heb. Niet zozeer voor het dorpje zelf, maar deze route loopt door het Parque Natural de la Serrania de Cuenca, met mooie bergwegels, valleien en canyons. Een punt dat daar extra aandacht verdient is het Ventano del Diablo, El Gargante de Jucar. Een natuurlijke rotsbrug met 3 openingen waarvan er twee uitzicht geven op de kloven eronder.
Afbeelding
Dit is trouwens ook een gegeerde plaats voor rotsklimmers, die ik hier ook aan het werk zie. Een eindje verderop moet ook nog de Ciudad Encantada liggen, doch een stukje van mijn route af, en het wordt nu al redelijk laat om nog op de camping van Ciudad de Albarracin te geraken. Enkele fotostops onderweg laat ik me echter niet ontnemen want daar is de omgeving te spectaculair voor. Overhangende rotwanden, smalle tunneltjes, onoverzichtelijke bochten met een afgrond aan gene zijde en de rotsen aan de andere, een wegje zoals ik ze graag heb met andere woorden. Nu ik wat later op de avond op de baan ben, kom ik ook twee hertjes tegen die de baan willen oversteken, gelukkig zagen we elkaar op tijd. Al de ganse reis zag ik bordjes hiervoor waarschuwen, doch nu zag ik hen voor het eerst in het echt!
Afbeelding
Dat resulteert erin dat ik pas om 20u30 op de camping aankom, maar al snel blijkt dat ik zelfs nog niet de laatste ben! Wanneer ik de camper op de gewenste plaats zet hoor ik een verschrikkelijk gekraak en een dikke tak van wel 10 centimeter doormeter en enkele meters lang, stort langs mijn camper op de grond. De boom naast mijn camper stond beneden ver genoeg verwijderd, maar de schuine tak op 2,5 meter zag ik niet. Op een kleine bluts op het linker voorspatbord na, gelukkig geen schade, behalve de boom dan, maar dat vonden de campinguitbaters niet eens zo’n verrassende gebeurtenis.
Zaterdag 22 juni
Waar ik gisteren ook een beetje met in het hoofd zat, was het vinden van een benzinestation. Hier in deze bergdorpjes hebben lang niet alle dorpjes een benzinestation en tot nu toe was ik er ook geen tegen gekomen, op eerdere kortere reisjes leek de actieradius van de 2.8 motor maar op een goede 400km uit te komen, maar bij de tankbeurten tijdens deze reis, zag ik dat er dan steeds maar rond de 58 liter kon getankt worden. Ik was er dus van overtuigd van de 500km te kunnen halen en moest nu wel de proef op de som nemen. En dat lukte zonder probleem, vraag was alleen of er in Albarracin dan wel een tankstation was, want Teruel bleek toch nog eens 50 km verderop. Gelukkig was dit het geval wist de campinguitbater me weten en zelfs nu, de tank tot aan de stop gevuld, ging er maar 60 liter in! Ik parkeer de camper op de grote parking onderaan het stadje en maak me op voor weer enkele kuitversterkende wandelingen. Het dorpje heeft weer van alles in de aanbieding, kerken, torens, een kasteel en kasteelmuur, uitzichten op rotswanden, allemaal erg vergelijkbaar met het vorige dorp en toch weer anders, kleiner van formaat ook. Het kasteel blijkt niet veel meer dan een muur, maar wat voor eentje! Deze loopt helemaal de berg op en kan via een wandelpad gevolgd worden, wat ik na lang beraad toch maar wijselijk niet doe.
Afbeelding
Nog snel ergens een hapje eten en dan op naar Teruel, het is ongelooflijk hoe snel het landschap hier wijzigt, want nu is het al snel weer vlak. Even voor Teruel verwijst een bord naar een vliegveld, het verbaast me dat er nergens een luchtverkeertoren te zien valt, maar dat kan nog bij een klein vliegveld, doch wat wel heel erg ongewoon is, is het aantal vliegtuigen dat er staat en van welk formaat! Dit is geen normaal vliegveld maar een opslagplaats voor vliegtuigen, al dan niet een vliegtuigkerkhof (zo dichtbij kwam ik nu ook weer niet, dat ik dit met zekerheid kon zien). In de stad aangekomen begint de zoektocht naar een parkeerplaats opnieuw, ik vind al snel een plaatsje waar ik nip in pas, maar besluit dat dit toch wat ver van de bezienswaardigheden ligt en wandelen doe ik hier al meer dan genoeg. Volgende optie is een marktplein waar de markt op zijn laatste benen loopt en bijna alle marktkramers al weg zijn. Wat achterblijft zijn hopen afval die de gemeentediensten nu komen ruimen, maar de grootste hindernis zijn de bordjes die zeggen dat je hier op marktdagen tot 17u00 niet mag parkeren. De verleiding is echter te groot en zo gauw een kant van het plein aan de overkant van de straat schoongeveegd is, waag ik mijn kans en parkeer de auto daar. Voor de formaliteit ga ik nog een parkeerticket halen bij de automaat en voor nog geen 2€ krijg ik er eentje dat geldig is tot maandag!
Afbeelding
Ik sta hier juist voorbij de aquaduct en nu is het uitzoeken waar de kathedraal, de plaza’s het ayunamiento en de Mudejar torens te vinden zijn. Eens de kathedraal gevonden verloopt dat echter vrij vlot. De architectuur van dergelijke steden ken ik nu al wel en al blijft die boeien, hier zijn het vooral de Mudejar torens, prachtige Islamitische torens, die hier de show stelen. Geen willekeurig ronddwalen deze keer, aan de hand van de Lonely Planet de beste route naar alle bezienswaardige plaatsen volgen en zo weinig mogelijk afdwalen. Al gebeurt dat sowieso toch als ik wat leuks zie opduiken in een zijstraat. Ik heb echter nog een goede 140km te doen vandaag, dus toch maar eventjes aanpoten. De Iglesia San Pedro aan mijn lijstje van bekeken gebouwen toevoegen en als laatste La Escalinata, een prachtige trappencomplex dat van de bovenstad naar de tuinen eronder leid. Van structuur een beetje vergelijkbaar met de torens trouwens. Alleen jammer dat er bovenaan verbouwingswerken bezig zijn die de foto’s een beetje verpesten. Hop terug de stad door naar de camper, die er nog staat zonder wielklem of boete en weer op weg. De thermometer in de camper wijst 37°C aan.
Afbeelding
De route loopt nu langs kleine wegen door het platteland, in alle opzichten weg van de doorgaande routes en omgeven door graanvelden. Ook heel veel verlaten boerderijtjes, vervallen en ingestort en met het graan groeiende tot aan de voordeur. Ik heb de indruk dat de kleine keuterboertjes het hier al lang moeten afleggen hebben tegen grotere landbouwbedrijven of coöperatieven. Eén van de redenen om deze route te plannen waren de vele meren waar je aan voorbij komt, doch dat blijkt een maat voor niets, want de meeste zijn leeg en gewoon mee omgeploegd en bezaaid. Rond 20u00 ben ik op de Camping Lago Resort in Nuévalo, aan boord van een meer met wel nog water er in. Samen met mij komt er een Engels gezin met dubbelasser caravan aan, waarmee ik de laatste kilometers al haasje over gespeeld heb. Een grote combinatie om over zo’n kleine wegen te rijden!
Afbeelding
Het zwembad van de camping ziet er verleidelijk uit, maar ik maak er uiteindelijk toch geen gebruik van om eens lekker op te frissen en de warmte kwijt te raken. Daar krijg ik later op de avond spijt van, want na het avondmaal van kippen nuggets en frietjes ben ik nog een tijdje op de laptop bezig, omdat alleen daar wifi voorhanden is, wanneer ik als laatste met een ander koppel het terras verlaat, heb ik nog maar enkele stappen gedaan of een zware hoestbui gaat over in ongecontroleerd braken. Het koppel en de mensen van het restaurant zijn er onmiddellijk bij om me te helpen, maar veel meer dan een fles water aanreiken kunnen ze niet. Na even bekomen gaat het wel weer en ga ik in traag tempo naar de camper. Het lijkt me dat de beide stadsbezoeken in combinatie met de warmte me wat teveel geworden zijn. De braakneigingen zijn over en ik laat alles liggen zoals het ligt in de camper en kruip meteen in bed.
Zondag 23 juni
Afbeelding
Gelukkig vannacht niet meer ziek geweest en iets of wat normaal kunnen slapen, na het douchen en het ontbijt en opruimen van de camper staat er vandaag als eerste 115km rijden gepland naar Zaragoza, na een ritje door het centrum waar het me al snel duidelijk is dat een parkeerplaats vinden geen sinecure zal zijn, herinner ik me een grote parking aan de overkant van de rivier, en eigenlijk helemaal niet ver van het centrum af. Ik heb dan nog het geluk dat er nog een plek beschikbaar is waarop de camper past zonder iemand te blokkeren en bovendien is de parking gratis. Ik moet nu gewoon de brug over de rivier over te wandelen en sta al onmiddellijk bij het tourist information center dat gehuisvest is in een toren die deel uitmaakt van de stadsmuur, maar die op zijn beurt weer gebouwd is op Romeinse fundamenten.
Afbeelding
Dat heb je met een stad die al eens overgaat in handen van andere machthebbers. Veelal is het wegwerken van grote opvallende projecten van de voorgangers dan één van de eerste zaken die gebeuren of ze moeten er zelf nut van hebben (zoals vestingmuren en uitkijktorens). Van op de St. Antonius brug had ik ook al een mooi zicht op de basiliek, die vooral door zijn kleurrijke dakpannen op zijn torens opvalt, al is die zonder dat kleurenpalet ook al indrukwekkend hoor. Ik vond al dat de klokken maar bleven luiden, terwijl het zelfs geen vol uur of half uur was, maar dan kwam er een processie aan met vaandeldragers, (religieuze?) medailledragers, kinderen in witte jurkjes met een mandje rozenblaadjes die op juiste moment moeten uitgestrooid worden en jongetjes in een kostuumpje om hen te begeleiden. Dan komen de dragers, of moet ik zeggen de rollers, gezien het reliekschrijn dat ze bijhebben op wieltjes loopt, met daarachter de geestelijke leiders van de kerk in hun feesttenue en als laatste de fanfare. En meelopend aan de zijkanten een heel peloton politie. Ze zijn hier de aanslagen in Madrid nog niet vergeten blijkbaar.
Afbeelding
Eens de processie terug in de kerk, verspreid het volk zich, in zoverre dat ze niet mee de kerk zijn binnengegaan, en verdwijnen tevens de politiemensen. Ik weet niet of dit een speciale zondag is of dat men dit elke week herhaald? Naast de basiliek staan er hier nog een aantal gebouwen rond het plein, waarvan er eentje wel lijkt op een kluis met zijn zware met metaal beslagen poorten en La Seo, aan de overzijde van het plein zijn het dan weer modernere gebouwen. Van in het begin valt het mij op dat er hier een stuk minder terrasjes zijn, dan in de andere steden en hetzelfde geldt voor de souvenirwinkels, nu in dit laatste geval vind ik dit niet erg. Op het plein staat ook een modern trapezium vormig gebouw van glas en staal, hieronder het plein ligt namelijk het oude Romeinse forum, waarvan de fundamenten deels bewaard zijn gebleven. Er zijn zo wel een stuk of 3 plaatsen waar dergelijke opgravingen gebeurd zijn. Naast dit forum vond men ook nog de thermale baden en delen van het Theater, een Colosseum dus. De badhuizen sla ik over wegens tijdsgebrek, want alles sluit hier vandaag om 14u30 en gaat pas dinsdag terug open (maandag is zowat overal ter wereld de sluitingsdag van de musea.
Afbeelding
Maar ik slaag er in de 2 meest belangrijke te doen met dus eerst het forum, gelukkig hangen er tekeningen en staan er maquettes die een en ander wat duidelijker maken en je dus weet waar je naar kijkt. Dit deel ligt volledig ondergronds en je moet in de tickethal dus omlaag. Naar het Romeinse niveau van toentertijd. Het duidelijkst herkenbaar zijn nog de riolen waarin het regenwater zich verzamelde en die blijkbaar al ontdubbeld geweest zijn, met een kleine tunnel bovenop een grotere waar het water inliep. De volgende stop is het Palacio Mudejar, nog gebouwd onder Moors bewind. Ik neen geen enkel risico en wandel ineens door naar het 2e museumdeel Ceaseraugusta met het theater. Ik verwachte iets gelijkaardigs, maar dat klopt niet want dit is volledig opgegraven en ligt open en bloot, alleen tegen wind en regen beschermd door een overkapping met polycarbonaat dakpanelen. Binnen in het museum liggen dan artefacten en ook hier tekeningen en maquettes. Volgens de overlevering is het amfitheater gesloopt tot het niveau dat men nu ziet, door de nieuwe machthebbers om er de stadsmuren mee te bouwen tegen dreigingen van buitenaf. Het centrale gedeelte werd dan met zand opgevuld om een vlak terrein te krijgen en pas in de jaren ’70 van de 20ste eeuw herontdekt omdat er nergens verwijzingen naar waren. Nog een trucje van nieuwe machthebbers, je oude rivalen hun verwezenlijkingen doodzwijgen.
Afbeelding
Het is ondertussen 14u30 en ik kan wel een hapje te eten gebruiken, net als een fris drankje. Maar zoals gezegd, veel minder terrasjes hier en als ze er zijn dan ook volzet. Bovendien blijkt de ene stoel en tafel van één bepaald café en die ernaast dan weer van een ander. Het restaurant wiens menukaart ik op een nog niet afgeruimde tafel heb zien liggen heeft wel enkele kleinere zaken in de aanbieding als middagmaal in de vorm van tapas. Maar als ik het tempo zie van bediening, wordt dit eerder een diner dan. Dus maar verder.
Afbeelding
Wat ook nog opvalt in Zaragoza, dat je enkele straten verwijderd van de toeristische trekpleisters, al onmiddellijk in meer vervallen buurten terecht komt met graffiti, waar er soms best leuke bij zijn, maar eveneens minder fraaie slogans, spandoeken en alom verval. Niet echt een buurt waar je jezelf op je gemak voelt. Ik nam deze route om nog een Mudejar toren en paleis te bezichtigen, de enkele cafeetjes met terras hier met wat ruiger volk, zijn al helemaal niet aantrekkelijk. Als ik op mijn kaartje van het infocentrum kijk, blijk ik dus inderdaad helemaal niet ver van mijn beginpunt af te zijn. Ik wandel richting rivier om op hun geroemde wandelboulevard te komen, die er gekomen is ter ere van de wereldtentoonstelling die hier een 10-tal jaar geleden gehouden werd. Maar is me dat een teleurstelling, zelfs hier geen terrasjes onder de schaduwrijke bomen!
Afbeelding
Dan maar naar het plein aan de basiliek waarvan ik tenminste zeker weet dat er enkele terrasjes te vinden zijn. Ik zet me er neer en vraag maar meteen een spuitwater, want mijn keel is zo droog als gort, want ook winkeltjes of standjes met drankjes vind je hier dus niet. Uit de tapas kies ik een table de jamon Iberico en ik denk nog amai, dat moet kwaliteitsham zijn, want 12,50€ voor een tapas, dat is heel wat. Blijk ik een hele schaal met een half stokbrood in stukjes gesneden en veel jamon te krijgen. Ik geraak zelf niet halverwege die schotel en vraag nog maar een spuitwater bij om een en ander weg te kunnen slikken. Daarna is het tijd voor de terugkeer naar de camper, daar wijst de thermometer maar liefst 43°C aan en dat met de blinden voor de ramen en het dakluik open, evenals de kleppen vooraan onder de raam van de auto. Geen wonder dat ik het zo warm had tijdens de wandeling!
Afbeelding
Tegen dat ik in Huesca aankom, een 80km verder, is de grootste hitte van de dag al voorbij en bovendien kan ik de camper op een officiële parkeerplaats in de schaduw van een boom parkeren. En dat alles bovendien kort bij het kleine centrum. Ik steek toch nog snel even mijn hoofd onder een drinkwaterkraantje op het eerste pleintje dat ik tegenkom en vind het hier maar een lege bedoening. Alleen op het terras van het café naast de Cathedral de Santa Maria zit er wat volk. Het Provinciaal museum dat op enkele tientallen meters van de camper ligt, aan het bewuste pleintje, was ook al dicht deze zondagnamiddag en ook de universiteit colleges waren natuurlijk gesloten. Wanneer ik verder wandel langs het Plaza Mayor kom ik meer en meer mensen tegen die duidelijk opgekleed zijn, met de meisjes opnieuw in die kenmerkende witte jurkjes, die richting de kathedraal trekken. Op het Plaza Mayor staat er een minikermis bestaande uit een draaimolen en een springkasteel, waarvoor de klanten pas later zullen aankomen lijkt het. Om de hoek vind ik er de gezochte Iglesia de San Pedro el Viejo, op een vervallen pleintje en al helemaal niet indrukwekkend.
Afbeelding
Daarmee heb ik alle bezienswaardigheden hier wel gehad, behalve enkel muurschilderingen die ik onverwacht nog tegenkom en keer ik maar terug naar de kathedraal, waar het plein nu wel gevuld is met mensen die duidelijk in afwachting zijn van iets. Ik ging al een kijkje nemen in de kerk waar duidelijk een misviering bezig was en bestel in het cafeetje een frisdrank in afwachting van wat gaat komen. Ook de politie komt postvatten met een patrouillewagen en een motor en op mijn vraag bevestigd die dat er een religieuze processie plaatsvind die rond 19u00 moet starten. Blijkbaar had de pastoor nog wat extra preken op de plank want pas 10 na openen de kerkdeuren zich en doet er zich hetzelfde spektakel voor als in Zaragoza, maar dan op kleinere schaal. Een deel van het volk volgt in het spoor van de processie richting Plaza Mayor vermoed ik om daar het feestgebeuren te starten (ik vergat nog het opgebouwde podium te vermelden dat daar ook stond). Ik keer terug naar de camper voor de laatste 35 km naar Camping Cañones de Guaraa y Formiga, van waaruit naar ik verneem ook canyonings worden georganiseerd. De camping heeft een restaurant, maar er lijkt mij gedekt voor een feestmaal aan lange tafel, en het ongelukkig voorval van gisterenavond nog in gedachte besluit ik maar in de camper te eten.
Maandag 24 juni
Afbeelding
En hiermee start de laatste week van mijn verlof, vandaag is de dag dat mijn planning helemaal overhoop gehaald wordt. Gezien mijn uitgestelde vertrek met 2 dagen door de gezondheidsperikelen en het zelfs helemaal niet zeker was of ik wel zou kunnen vertrekken, werd de planning voor vertrek niet meer aangepast en wist ik dat er een moment zou komen dat er een beslissing moest genomen worden, je kan niet zomaar 2 dagen te laat op je werk terugkeren, of toch maar éénmalig. Al een tijdje geleden nam ik dan de beslissing van het gedeelte aan de Middelandse zee met inbegrip van Barcelona te laten vallen voor deze reis. Dat leek me het meest logische, gezien ik voor de rest Zuid-Spanje sowieso niet aandeed en dat dus gemakkelijk te combineren valt in een volgende reis. Mijn eerste gedacht was om van Huesca naar Lleida te rijden en dan door te steken naar de Pyreneeën, doch gisteravond zag ik in de kaartenatlas dat ik dan een grote omweg maak en er eigenlijk niets interessants te bespeuren viel op die route. Als ik echter via Huesca (of eigenlijk Panzano waar ik overnacht heb), via de kleine wegen doorsteek naar Seu d’Ursel zag ik in de Michelin kaartenatlas veel baantjes met een extra groene lijn aangegeven, en wie met deze kaarten bekend is, weet dat dit betekent dat dit (meestal) mooi wegen zijn om te doen.
Afbeelding
Dus vanmorgen de GPS nog een keer de route laten berekenen, maar de enige manier om de gewenste route te verkrijgen, was om kortste weg te kiezen, en dat betekent oppassen want dan liggen er soms al eens verrassingen in het verschiet. Het begon echter met een kudde van wel 100 schapen die me tegemoet kwamen met een herderin aan hun zijde, dus maar even pauzeren en de ramen toe voor de dazen die meeliften. Vervolgens stuurde de route me door een canyon, wat me er al direct toe aanzette ook mijn action camera op te stellen. Nauwe wegen, hoog oprijzende rotswanden, overhangende rotsen en af en toe een onverwachte tegenligger, of korte haarspeldbochten (een uitdaging wanneer je niet kan terugschakelen van 3 naar 2 door een kapotte synchro) heel erg leuk om te doen. Er werden bergen beklommen en bergen afgedaald, foto’s genomen en gefilmd dat het een lieve lust was en veel gedronken want het was weer erg warm.
Afbeelding
Een korte lunchpauze op een daarvoor voorziene parking en weer verder. En dan heeft de GPS me toch weer liggen en stuurt me door in plaats van rond een bergdorpje, in eerste instantie merkte ik het niet eens op, maar na elke bocht werd de straat smaller en smaller. Nu weet ik dat waar ik met de spiegels door kan, ook de rest van de camper door kan een dus ging het stapvoets verder, eindelijk zie ik voor mij de weg verbreden, nog juist dat laatste smalle stuk en daar raakt de spiegel de muur, ik stuur nog een beetje naar links, maar hoor al een gevreesd gekraak. Op het bredere stuk stop ik even en doe een vlugge inspectie aan de zijwand van de camper en vind niets, waarschijnlijk een raam-of deurkader van het huis die zo kraakte denk ik en stap weer in. Enkele kilometers verderop is het tijd om te tanken en heb ik wat langer om alles nog een keer te bezien, en ja hoor: het rechtse achter profiel is gescheurd, we weten alweer wat herstellen.
Afbeelding
Het spreekt vanzelf dat de aanwijzingen van de GPS met nog meer achterdocht worden bekeken, maar die blijft nu mooi de juiste route aangeven. Als ik dacht dat het bij die ene canyon zou blijven, had ik het mis, er volgen er nog verscheidene, allen even mooi, allen even spectaculair en tussen zo’n paar kloven even een berg oversteken voor de lol. Als toemaatje al eens een eenzame kasteelruïne op de top van een berg of een onverwacht mooi kerkje in een opduikend bergdorpje, wat ik mooi mijd natuurlijk! Na al die, overigens mooie, steden werd het tijd voor opnieuw een stukje mooie natuur en alles verloopt zoals het hoort is dat voor de rest van de week zo al zal een charmant bergdorpje zeker niet overgeslagen worden. Nog nooit was ik deze reis zo vroeg op een camping als nu op de Gran Sol Camping in Montferrer, onderdeel van Seu d’Ursel.
Afbeelding
16u00, ik moet er nog even aan wennen, zou ik niet nog een stukje doorrijden? Het geplons van kinderen in het zwembad en het voorruitzicht daar zo dadelijk ook even in te kunnen duiken halen het echter en even later sta ik op de camping. Het water is verrassend frisjes, terwijl de buitentemperatuur een stuk boven de 30°C zit, maar het zorgt er wel voor dat mijn lichaam eens goed kan afkoelen en dat was ook wel eens nodig. Als avondmaal krijg ik het dagmenu van noedels met zeevruchten en vervolgens worst met chips (en neen dan bedoel ik niet de Engelse potato wedges, maar chips zoals uit het pakje). De worst is zo mijn ding niet, en dat bevestigd alleen maar mijn ervaring dat ik met de vleesgerechten hier in Spanje niet zo overweg kan, te vet en teveel pezen voor mij. De zeevruchten en vis die ik hier al gegeten heb, viel echter steeds zeer goed mee. De weg terug naar de camper wordt een sprint, de lucht hangt hier nu vol met een soort kleine motjes, die met honderdduizenden overal rondzwermen, ik sluit alles in de camper zoveel mogelijk af en zorg dat er zo weinig mogelijk licht naar buiten valt die hen kunnen aantrekken. Ik zag ze al met enkel tienallen aankomen bij het verlaten van het zwembad eerder deze avond, maar nu is het een plaag van Bijbelse proporties!
Dinsdag 25 juni
Afbeelding
Vanmorgen geen vlieg of mot meer te bekennen, omdat ik gisteren zowat in het midden van een routedag terechtgekomen ben met de planwijziging, blijft er voor vandaag een luttele 123km over, doch wel door de bergen. Ik heb echter snode plannen en wil even een zijsprongetje maken naar Andorra, niet naar de hoofdstad met dezelfde naam, maar naar Soldeu waar wij meermaals op skiverlof zijn geweest in het skigebied Grand Valira. En ik wil dat nu wel een keer zonder dikke sneeuwlaag zien, en zo gebeurt dat dus. Dat Andorra ook gekend is vanwege het taksvrije shoppen en tanken is welbekend ( de diesel kost daar momenteel rond de 1€ per liter, was mijn tank toch nog zo goed als vol zeker), zorgt ervoor dat het er zeer druk is, bovendien zijn dit de maanden dat alle wegenwerken moeten gebeuren nu het kan. Dit alles zorgt ervoor dat het tot aan de hoofdstad file rijden is. Hoe verder weg van de doorgaande weg, hoe kalmer het wordt.
Afbeelding
In Soldeu vind ik al snel de hotels Naudi en Himalaya die wij beiden meermaals gebruikten, maar het eerste heeft wel een flinke opknapbeurt gekregen. Ook zijn er weer heel wat hotels bijgekomen en nu is men bezig om de aankomstplek, waar je ’s avonds na het skiën beneden aankomt volledig her aan te leggen. In plaats van een brug wordt er nu een breed platvorm aangelegd en natuurlijk zie je tussen de bossen goed te pistes lopen die we talrijke keren afgeskied zijn. Maar tot zover de nostalgie, weer terug richting Spanje, met even een tussenstop bij een brandweerkazerne, waar ik de camper naast een tentoongesteld, nog ouder exemplaar van een Land Rover zet voor een familiefoto.
Afbeelding
Terug bij de grens wordt ik uit de rij gepikt voor een controle en krijg de vraag of ik tabak of alcoholische dranken bij heb en zeg in eerste instantie neen, maar herpak me want ik heb nog zo’n 3 minikartonnetjes witte wijn in de ijskast staan. De douanier roept een collega en ontfermt zich over een volgende klant, ik leg de auto alvast stil want verwacht dat ze wel even alles zullen willen nakijken, doch de collega van dienst wuift mij door en dus ben ik in een wip weer Spanje binnen. Het is weer erg warm hier, er wordt al een hele week gewaarschuwd voor een hittegolf en dan gaat het hier niet over 30°C maar over 35° tot 40°C en meer! Ik ben op weg naar Sort een dorpje in de Pyreneeën en de camper heeft al even veel last van de hitte als ik, op de lange klim naar de col begint de temperatuurmeter van de wagen verontrustend hoog te staan, nu staat die steeds vrij hoog maar tussen het witte en het rode balkje in, is wel teveel van het goede en dus parkeer ik me om de motor wat laten af te koelen. Ik heb trouwens ook gemerkt dat de extra bijgeplaatste elektrische ventilator die er al een paar jaar opstaat ook de geest heeft gegeven, dat help ook al niet natuurlijk. Na nog 2 bijkomende stops voor het bereiken van de col, sta ik eindelijk op het hoogste punt en kan aan de afdaling beginnen. En die gaat echt wel terug tot helemaal beneden, waar als eerste gebouwtjes tot mijn verbazing een alle merken garage te zien is.
Afbeelding
Ik stop er even en zie op de parkeerplaatsen minstens 4 verschillende merken van 4X4’s staan waar ik ooit mee gereden heb. Echt nog zo’n garage die je bij ons weinig of niet meer vind. Als ik ergens de kans heb om een andere ventilator te laten steken, dan wel hier! En inderdaad, ze laten de auto een kwartiertje afkoelen en gaan ondertussen al even kijken wat ze liggen hebben van tweedehandsventilators die zouden kunnen passen want veel plaats is er daar niet. En ja hoor ze duikelen een werkend exemplaar op dat zelfs in de bevestigingskader van de bestaande ventilator die van de airco van een oud model Discovery I afkomstig was, past. Het vergt wel heel wat aanpassingswerk om die er passend in te krijgen, maar uiteindelijk lukt dit wel en nu maar hopen op verbetering bij het klimwerk, want de weerberichten die lijken alvast niet te veranderen voor de volgende dagen. Ik had nog zo’n 30km te doen om op Nou Camping te geraken en door dit oponthoud en een lunchpauze daarvoor, is het weer kwart voor acht wanneer ik toekom. Niet getreurd echter, de openingsuren van het zwembad zijn maar proforma en er wordt je niets in de weg gelegd als je toch nog een verfrissende duik wil nemen, wat ik me dan ook geen twee keer laat zeggen. Voor het avondmaal deze keer geen risico, ik ga gewoon voor een Pizza Diavolo, lekker pittig.
Eigen websites: Reiswebsite; http://www.yohani.be/reizen/ Zelfbouw camper; http://www.yohani.be/campersite/

Gebruikersavatar
Yohani
LROCB-Member
Berichten: 907
Lid geworden op: za 13 mar, 2004 14:15
lrocb_lidnr: 64
Woonplaats: Putte (Mechelen)
Contacteer:

Re: Op Iberisch avontuur in Spanje

Ongelezen bericht door Yohani » do 11 jul, 2019 17:52

Woensdag 26 juni
Naast een zwembad staan heeft ook zijn nadelen, want de zuiveringsinstallatie met pomp blijft de ganse nacht draaien. Gelukkig is het een gelijkmatig geluid dat niet erg stoort en dus veel last heb ik er niet van gehad.
Afbeelding
Tweede dag vandaag in de Pyreneeën en ik ben benieuwd hoe de auto gaat reageren, want men geeft hier weer temperaturen van 37°C voor vandaag. En dat er gaat mogen geklommen worden staat vast, en daar begin ik trouwens de dag mee. Gelukkig is het in de voormiddag nog juist iets koeler en een zacht windje zorgt zelfs voor wat verfrissing door het open raam. Deze dagen staan vooral in het teken van het landschap en de rijervaring in de bergen, niet zozeer van specifieke bezienswaardigheden al staan er wel enkele kerken vermeld, die hier weer een beetje anders zouden zijn dan elders in Spanje, met ranke hoge klokkentorens die boven het dorpje uitrijzen. Wat ook boven me uittorent zijn de rotswanden van de canyon waar de weg me doorvoert, beneden me het woest stromende bergriviertje dat zijn bedding steeds dieper uitgraaft in de rotsgrond, al is het wel wat getemd door dammen voor waterkrachtcentrales. En boven me de verticaal oprijzende rotswanden, die er niets aan laten misverstaan wat er zou gebeuren als er daar een deel van los komt. Bovendien is het hier vrij druk want dit is gewoon de weg naar een bergdorp zonder alternatieven en zo komt dat ik na een bocht twee mastodonten van vrachtwagens zie aan komen rijden. Even in de remmen en een stukje achteruit tot waar ik denk dat we elkaar kunnen passeren, en dat lukt deze keer ook nog zonder kleerscheuren. Zo kom ik er toch liever niet teveel tegen op deze weg!
Afbeelding
Dit zijn echt de wegen waarvoor je eigenlijk ogen tekort komt, ruw in de rotsen uitgegraven tunnels zonder opgave van doorrijhoogte, bochten zonder overzicht en wegmarkeringen waarvan borden aangeven dat ze er maar pro forma staan: reken er dus maar niet al te hard op dat jij past op het rijvak dat daar door middel van lijnen is aangegeven! En al helemaal niet als er dan nog overhangende rotsen zijn. Nu zal een gewone personenwagen daar nog goed mee wegkomen, maar campers, bestelwagens en vrachtwagens, moeten toch wat geconcentreerder zijn. Komen er nog de motorrijders bij die al eens graag wat sneller de bochten nemen, misschien niet helemaal op hun zijde van de weg… . Maar dat vergeet je allemaal als je met de pracht van deze wegen geconfronteerd wordt. En het blijft niet bij één plekje, soms zijn het beboste berghellingen in plaats van rotswanden, soms zijn het slingerende bergwegels die me weer naar een volgende col brengen, en soms gewoon een rechte lijn in een dal, waarvan je weet dat er op het einde weer een verrassing aankomt. De afslag naar Taül brengt weer zulke verrassingen, berghellingen waarbij tussen de beboste hellingen hoge rotswanden schemeren, watervallen en wilde bergbeekjes van de hellingen naar beneden komen en koeien en schapen staan te grazen op wat mildere hellingen of bovenop de cols.
Afbeelding
In het dorpje Taül, dat één van de startpunten is voor wandelingen door het Parque Nacional d’Aigüestortes Estany St Maurici, heeft ook 2 van die bijzondere kerken, namelijk Sant Climent en Santa Maria de Taüll. Jammer genoeg zijn de originele belangrijke interne stukken verhuisd naar een museum in Barcelona en vervangen door kopieën en/of projecties, en die houden ook een siësta. Ik zet me dan maar in de schaduw onder de bomen van een cafeetje en bestel lunch in de vorm van een crème groentesoep (en ja dat smaakt ook bij 37°C) gevolgd door meloen met ham, lekker fris en natuurlijk een postre (dessert) in de vorm van een ijsje. Ik heb nu al op een paar plaatsen een Vichy spuitwater gedronken en dat is erg lekker, in tegenstelling tot de voorraad van andere merken, die ik in de camper heb, die nogal zout of zelf citroenachtig smaakt. Met een zacht windje dat door de bomen blaast is dit een plekje om enkele uren door te brengen, maar dat kan dus niet en dus moet ik weer op stap. Hier in de bergen merk ik trouwens maar eerst dat de gezondheid nog lang niet helemaal op punt staat, ik ben ontzettend kortademig en moet na 10 stappen al even pauzeren en de vervelende hoest is ook in sterkere mate terug. Nu moet er gelukkig niet zoveel gestapt worden, het meeste zie je zo vanuit je autoruit met mogelijks enkel stappen verder zetten voor een beter perspectief.
Afbeelding
We zijn het ene park nog niet uit of het andere dient zich al aan, Het Parc Natural de Posets Maladeta, en zoals steeds verschillen deze parken niet zoveel van het landschap voor en na, hooguit geniet het wat betere bescherming, maar als ook de omgeving nog niet ten prooi is gevallen van land- of bosbouw, zie je natuurlijk niet veel verschil. Om één of andere onbekende reden had ik bij de planning niet de camping van Ainsa zelf vermeld maar van eentje verderop. Nu was de eerste versie van deze roadbook bestemd voor november vorig jaar, en misschien lag daar het probleem kwestie van openingsdatums. Nu is de Camping Peña Montañesa met binnen- en buitenzwembad, verschillende bubbelbaden en kinderbad, maar ook een shop, in elk geval open en twijfel ik niet om deze als overnachtingsplaats te kiezen. Voor het eten nog een uurtje bekomen in het frisse water in het gezelschap van een groep synchroon zwemsters die in het diepere gedeelte hun oefeningen aan het instuderen zijn.
Afbeelding
Voor het eten wil ik toch nog een keer proberen of ik hier in Spanje dan toch een vleesgerecht kan voorgeschoteld krijgen dat me wel bevalt. Ik kies voor Foie Gras op toast (dat blijkt niet de paté maar de echte ganzenlever, en al was het niet het verwachte gerecht, het was best lekker) gevolgd door echte varkensribbetjes deze keer in BBQ saus. Moesten de ribbetjes eerst gemarineerd geweest zijn in die saus, het zou perfect geweest zijn. Nu was het gewoon lekker. De radler biertjes waren zacht en veel te snel op en als afsluiter nog een likeurtje van het huis op basis van anijs (al proefde je dat niet). Dan nog even heen en weer naar de camper om de vergeten portefeuille daar gaan op te halen om te kunnen betalen en de dag zit er al weer op. O ja het weerbericht geeft hier morgen tot 40°C !
Donderdag 27 juni
Afbeelding
Vannacht, of liever vanmorgen, rond 4u flink ziek geweest, maar na een half uurtje weer over en terug gaan slapen. Ik heb echt de indruk dat de warmte me wat teveel wordt. En dat merk ik in Ainsa ook als ik daar om 10u00 stop voor een wandeling door de oude dorpskern. Er hangt hier nergens geen thermometer, maar mijn gevoel zegt me dat het hier in de zon over de 40° C gaat in die windvrije steegjes, dus 10 stappen, op adem komen en weer verder en zoveel mogelijk de schaduw opzoeken. Ik was in eerste instantie al blij dat de parking boven aan de ingang van het kasteel lag, maar dat betekent dat de rest van het dorp lager ligt en eens de kathedraal en het oude centrum bezocht is het dus almaar weer stijgen.
Afbeelding
De hitte drijft me zelfs het Ecomuseum in gevolgd door het roofvogel aviaria waar enkele uilen, een buizerd en een gebaarde adelaar zitten. Allen dieren die gekwetst gevonden werden, door tegen stroomdraden te vliegen. Door de aard van hun verwondingen kunnen deze vogels nooit meer losgelaten worden. De uilen die een paartje vormen hebben al wel meerdere nesten gekregen en die jongen zijn allen succesvol terug uitgezet in het wild. Voor de rest van de wandeling steek ik mijn hoofd en keer onder het kraantje van een drinkfontein en koop me een ijslolly om de binnenkant ook wat af te koelen. Het is middag maar trek in eten heb ik bij deze hitte al helemaal niet, ik zorg er wel voor om veel te drinken. Eens terug bij de camper die mooi in de schaduw geparkeerd stond met de raamverduistering dicht, heerst er binnen een goed verdraagbare 37°C, alvast een koud drankje binnen bereik zetten voor onderweg, de GPS zijn nieuwe bestemming ingeven en ik ben er weer vandoor.
Afbeelding
Die bestemming is Jaca en loopt gedeeltelijklangs de grenzen van het Parque Nacional de Ordesa y Monte Perdido, met als gevolg erg mooie berglandschappen met kale bergtoppen die wel uit graniet gehouwen lijken. Op de hoogste toppen zie je zelf nog plekjes sneeuw liggen! De wegen zijn weer erg prettig om te rijden, al heeft eentje zelfs een tijdje de allure van een snelweg. En ik moet zeggen dat de kwaliteit van het wegdek in de meeste gevallen best wel goed is, zelf op de kleine wegels. En hier en daar wordt er dan ook aan de wegen gewerkt, want die goede staat blijft er niet vanzelf. In jaca neem ik de afslag naar Canfranc, niet voor het dorpje zelf, maar voor het Estacion de Canfranc, dat dus enkele kilometers verderop ligt … in een ander dorp. Dit station heeft tijdens en na WWO II geen al te beste reputatie opgebouwd, voor gebruik van deportatie van de Joden door Franco, vervoeren van allerlei oorlogsmaterieel en op het einde als vluchtroute voor rijke Nazi Duitsers op vlucht met hun hebben en houden. Was het na de oorlog al een keer failliet door opgelegde beperkingen van in- en uitvoer straffen door de geallieerden tegen Spanje, een tweede doorstart in de jaren ’70 mislukte eveneens, vooral ook omdat Spanje nog steeds met een andere spoorbreedte werkte dan de rest van Europa, wat heel wat beperkingen en duur switchen van trein met zich meebracht. Met zijn slechte reputatie bleef het dan jaren in de vergeethoek liggen te verkommeren, tot individuele reizigers het in hun vizier kregen en er begonnen rond te snuffelen. Toen dit bekendheid kreeg begreep men dat er hier wel geld te halen viel en er werden er tal van wilde plannen gespuid. Alle hotels en andere opties ten spijt wordt het nu gerenoveerd en zal het een toeristische attractie worden, met bezoekjes en treinritjes, die ook nu al 2x per dag om 11u en om 17u gehouden worden, en in het weekend zelfs een pak meer, dit natuurlijk in de zomermaanden.
Afbeeldingnearest comerica bank
Er blijft me nu alleen de mogelijkheid om via Jaca terug te keren, dat ik ook in de planning opgenomen had voor enkele bezienswaardigheden, en de wandeling van vanmorgen in gedacht en het feit dat het nu de warmste moment van de dag is, maak ik er maar een autozoektocht van. Tot op het Plaza Mayor geraak ik niet, maar de citadel, de Ermita de Sarsa en de Catedral de San Pedro krijg ik allemaal in het vizier. Al kan die laatste evengoed een andere kerk geweest zijn. Mijn volgende bestemming is opnieuw in een vallei tussen de uitlopers van de Pyreneeën de vallei van de (H)Echo, een camping waarbij de prioriteit van restaurant al een tijdje vervangen is door een zwembad. Het hoeft geen olympisch te zijn, het hoeft ook geen binnen- en buitenbad en omringd door jaccuzi’s te zijn, zoals vorige nacht. Genoeg om uw oververhitte lijf een keer goed in te dompelen. Dat ik daarbij stevige hoestbuien krijg, die sommige ouders er toe drijft van hun kinderen uit het water te halen, ben ik ondertussen ook al gewoon, maar ik ga echt niet aan jan en alleman uitleggen dat de hoest niet infectueus is en dus niet overgedragen wordt. Camping Valle de (H)Echo voldoet aan mijn verwachtingen, heeft zelfs ook een restaurant, maar daar ga ik na het doornemen van de menukaart, toch maar niet eten, wegens te zware kost. Een bekertje noedels zal meer dan volstaan, maar eerst een 10-tal minuutjes onderdompelen in een erg fris zwembad. Dat zorgt er wel voor dat de hitte helemaal uit je lichaam is en heeft naar mijn gevoel een langer effect dan een koude douche. Dit is dan ook mijn laatste nacht op een Spaanse camping, morgen is dat een Franse camping in de grote omgeving van Biaritz, maar dan meer het binnenland in.
Afbeelding
Vrijdag 27 juni
Zo dus vandaag de laatste dag in Spanje, en net als gisteren moet ik om deze vallei te verlaten, rechtsomkeer maken, maar dat is hier in de omgeving van het Parque Natural Valles Occidentales helemaal geen erg. Vooral de route langs het Embalsa de Yesa is prachtig en zorgt ervoor dat ik nogal wat foto stops inlas. Het turkoois blauwe stuwmeer steekt flink af tegen de cementgrijze rotsen en water- en winderosie doen de rest om prachtig gesculpteerde rotsen en bergen te creëren. Zo mooi is het dat ik, wanneer ik door de GPS weg van het meer verwezen wordt om het Monasterio de Leyre te gaan bekijken, gewoon stug een tijdje de meer oevers blijf volgen.
Afbeelding
Was de GPS uitgerust met menselijke gevoelens, zou de stem lichtelijk geïrriteerd geklonken hebben tegen de tijd dat ik dan toch terugdraaide. En zelfs dan ontdek ik nog nieuwe panorama’s waarvan ik toch zeker een foto wil. Daarom ben ik natuurlijk ook hier uiteindelijk, om te genieten van het landschap. Zo ver ligt het klooster of de abdij trouwens ook niet van het meer, alleen wat hoger tegen de berghelling op. Het is een stevig gebouw met muren die wel een meter dik lijken te zijn, wat ook maakt dat het binnen heerlijk koel van temperatuur is, maar ook best donker, door het gebrek aan ramen. De bouwstijl heeft wel wat weg van een burcht, gemakkelijk kom je er alvast niet in. Naast de abdij is er nu ook een parador in gevestigd, en ik moet de vrienden Chris en Karin gelijk geven dat die paradors soms prachtige hotels zijn, en meestal nog eens over een fantastische ligging beschikken ook.
Afbeelding
Mijn volgende bestemming en meteen ook het laatste stad- of dorpsbezoek van deze reis is Sos del Rey Catoliqo, een bergstadje gevestigd op een heuvel, dat zijn faam te danken heeft aan één van de Spaanse koningen, Ferdinand van Aragon die hier werd geboren. Ik parkeer de camper aan het begin van het stadje en besluit van een straat verder om hier een laatste Spaanse maaltijd te eten: een dagmenu van 13,5€ met andijvie met Roquefortkaas, gebraden kip met dikke frietjes en meloen als nagerecht met een spuitwater erbij. Een beetje veel als lunch, maar ach… . Ik wandel het er wel af met de zwerftocht door het stadje. Afgezien van de Iglesia de San Esteban, het Palacio de los Sada, het geboortehuis van de illustere koning Ferdinand, en de ruïne van het kasteel, is het vooral weer genieten van de vele nauwe steegjes, poorten en bogen die je weer in een ander gedeelte van het dorp den uitkomen, gevels met mooie authentieke houten poorten, vaak voorzien van een wapenschild van de familie boven de deur en honderden balkonnetjes, al dan niet voorzien van bloemen. Soms kunnen de overburen elkaar de hand schudden van op hun balkon. Sommige steegjes zijn eigenlijk meer trappen en een groot deel van het stadje is dan ook autovrij. Het stadje lijkt zelfs bijna mensenvrij, leeft hier eigenlijk wel iemand afgezien van de restaurant uitbaters en hun personeel? Ik zou liegen, op de terrasjes kom je ook nog al een keer wat lokale bevolking tegen, al heb ik al gemerkt dat die gemakkelijker binnen zitten. En het is opnieuw siësta tijd natuurlijk.
Afbeelding
Ik heb vandaag minder last van de warmte, waarom weet ik niet en ook de kortademigheid is weg. Het wandelen gaat me goed af, alleen ben ik weer vergeten aan te duiden waar de camper geparkeerd staat. Ik weet alleen dat er een apotheek om de hoek was en gelukkig blijkt die aanwijzing genoeg voor een cafébaas om me de juiste richting door te geven (die trouwens gewoon altijd rechtdoor was). Ik moet nu nog één keer de Pyreneeën door en doe dit niet via één van de grote grensovergangen zoals Bielsa, Somport en Andorra, waar ik telkens die mogelijkheid had, maar via Roncesvalle, een klein stadje in de bergen. Dit is een stuk relaxter rijden, eerder rustig en door de bossen en bergen, die door de hoogte en de schaduw zorgen voor een heerlijke temperatuur met een verkoelend windje. Leuk is ook dat de bouwstijl hier helemaal anders is, de huizen zijn wit met rode daken, en de balkons hebben plaats gemaakt voor luiken voor de vensters.
Afbeelding
Voor enige kleur wordt dan toch nog gezorgd door de deur- en raamkaders in een contrasterende kleur te zetten. Het heeft wat Zwitsers vind ik persoonlijk. Ik tank nog op het nippertje voor de Franse grens de dieseltank vol, want dat scheelt toch weer enkele centen, en ben eigenlijk voor ik het besef in Frankrijk. Het landschap verschilt nauwelijks en ik rijd nog steeds tussen de bossen door, en kruis af en toe een dorpje. In één daarvan stop ik bij een beenhouwerij voor een ijsje, dat ik voor niets meekrijg omdat het gebroken is. Ik moet me nog haasten om het op te krijgen voor ik de Camping Hiriberria in Itxassout bereik. Als ik die naam zie en de borden langs de weg probeer te ontcijferen, waan ik me weer in een ander land. Naar ik vermoed is het Baskisch en op tweetalige borden is de Spaanse of Franse naam al wel een keer overklad. Nog juist op tijd om een verfrissende duik in het zwembad, een restaurant is er in het dorpje 500m verderop, maar dat heb ik niet nodig na de maaltijd van vanmiddag, ik maak gauw zelf nog wat klaar, dat doet me eraan denken, de afwas staat hier nog te wachten, voor na het aanvullen van het reisverslag! Nu nog twee dagen kilometervreten, dwars door Frankrijk terug naar de thuishaven.
Afbeelding
Zaterdag 29 juni
Het weer is vannacht omgeslagen en vanmorgen is het grijs en miezert het zelfs een beetje, bij een al bij al aangename temperatuur. Niet eens zo slecht om aan het kilometervreten te beginnen. In het oprijden merkt ik al wel veel fileleed in de richting die ik nu rijd, maar ik hoop dat dit nu niet meer het geval is. IJdele hoop vrees ik, want vanaf ik op de tolweg ben is het vrij druk en er rijden deze zaterdag ook nog veel vrachtwagens rond. Twee keer moeten we een redding strook laten in het midden van de autosnelweg voor prioritaire voertuigen van brandweer en ambulance, maar nergens is er een ongeval te bekennen. Enkele keren gaat het ook stapvoets, waar er belangrijke verkeersaders afscheiden en samenkomen. Eens Bordeaux voorbij is het gedaan met het autovriendelijke weer en slaat de hittegolf toe. Ik merk al snel dat ik vaker dan anders even moet stoppen om op mijn qui-vive te blijven, dat zijn dan ook de momenten dat ik er een nieuw blikje of flesje frisdrank uit de koelkast bij neem. 2 tegelijkertijd nemen leer ik snel af, want binnen de kortste keren is dat tweede drankje ondrinkbaar door de warmte. De warmte van de motor en vooral van de versnellingsbak dringt door de bodem van de auto heen, het lijkt wel of het haar van mijn benen gaat geschroeid worden. Sandalen dragen in een Land Rover Defender op een lange rit is iets dat ik al lang geleden door ondervinding afgeleerd heb! Eén van de tussenstops is tegelijkertijd ook mijn lunchpauze en zo vordert de dag snel.
Afbeelding
Vermoeid door de hitte, eerder dan door het autorijden kom ik in Montaban aan bij de Camping Vallee de L’Indre. De camperplaats waar ik op de heenreis stopte en die best in orde was, had één gebrek bij deze hitte: er ontbrak een zwembad. Bij het zoeken naar een camping met die optie, blijken daar nog niet zoveel kandidaten voor te zijn en overal lees je dat de campings hier nog de zware tol van de overstromingen dragen van enkel jaren geleden, toen ik hier trouwens ook voorbijkwam en alles inderdaad onder water stond. Behalve dat er nog werken gebeuren aan de sanitaire blok en er nog wat bouwmaterialen klaar liggen, lijkt dit op deze camping in elk geval in orde te komen. Het momenteel zeer belangrijke zwembad is open en in gebruik en dat is het voornaamste momenteel. Dat het lokaal waar de jacuzzi in staat nog maar half afgebouwd is, deert mij in elk geval niet. Met zijn vele bomen heeft de camping ook volop schaduw, maar zowel binnen de camper als daarbuiten geeft de thermometer 42°C aan, en dat is in de schaduw! Mij zie je dat eerste uur dan ook niet uit het water komen. Uiteindelijk moet dat dan toch want de restaurants zijn hier waarschijnlijk niet open tot middernacht zoals in Spanje wel vaker gebeurde. Een kleine wandeling naar het dorp, een snelle blik op het uithangende menu en mijn keuze is gemaakt: een kleine Cesar salade, mosselen met blauwe Auvergne kaas een spuitwater en een witte wijn en tenslotte een Caramel liègeois ijscrème als dessert. Tegen dat dit alles op is, is de temperatuur in zoverre gedaald dat het een aangenaam buitenzitweertje is. Ik wandel terug naar de camping en hoop met de ventilators ook de ergste warmte wat uit de camper te krijgen voor vannacht.
Afbeelding
Zondag 30 juni
Na een warme nacht is het tijd voor de laatste etappe van de reis. Het verkeer blijft een stuk drukker dan op de heenreis en vooral de Parijse périphérique is weer een chaos met een aantal sociaal onaangepaste chauffeurs die voor gevaarlijke situaties zorgen. Komt er nog bij dat er op een gegeven moment op de aankondigingsborden onheilspellende berichten verschijnen over luchtvervuiling en Crit’air beperkingen. Zover ik weet ging dat maar in voege van in juli, dus hoop ik maar dat ze gewoon hun systemen aan het uittesten zijn, want met mijn Euro 0 zijn stikkers geen optie, trouwens het is ook helemaal niet duidelijk waar je dan wel naar toe moet als deze beperkingen in voege gaan terwijl je al op de périphérique rondrijd. Ze moeten dan maar op voorhand die aankondigingen doen met opgave van een alternatieve route! We zullen wel zien of er iets van thuis aankomt. Ik lunch met een in een tankstation aangekocht broodje, waar ik ook een laatste keer tank aan 1,6€ per liter diesel. Voor de rest verloopt de terugreis vrij vlot en rond 17u00 stal ik de camper op zijn vertrouwde plek op de oprit. De avond sluiten we af met een etentje bij de Chinees.

Yohani :P
Eigen websites: Reiswebsite; http://www.yohani.be/reizen/ Zelfbouw camper; http://www.yohani.be/campersite/

Ides
Berichten: 106
Lid geworden op: ma 14 mei, 2012 10:36
lrocb_lidnr: 0
Woonplaats: Brasov, Roemenie
Contacteer:

Re: Op Iberisch avontuur in Spanje

Ongelezen bericht door Ides » vr 12 jul, 2019 11:36

Mooi verslag, en inderdaad in Europa is zoveel te bezoeken en te zien, dat je altijd naar de andere kant van de wereld moet reizen….


Groeten,
Ides

Gebruikersavatar
Penguin
LROCB-Member
Berichten: 2931
Lid geworden op: vr 25 jul, 2003 13:32
lrocb_lidnr: 1396
Woonplaats: Hoele
Contacteer:

Re: Op Iberisch avontuur in Spanje

Ongelezen bericht door Penguin » di 16 jul, 2019 13:18

Yohani, ik blijf erbij, je kan je verhalen in reisgids vorm uitbrengen. thx
28/02 - Loss of a good friend...
​__m__( ͡° ͜ʖ ͡°)__m__
Afbeelding
In a time of chimpanzees, I was a penguin.

Gebruikersavatar
dirk01
Berichten: 65
Lid geworden op: do 31 jul, 2003 13:35
lrocb_lidnr: 353
Woonplaats: Omgeving Turnhout

Re: Op Iberisch avontuur in Spanje

Ongelezen bericht door dirk01 » di 23 jul, 2019 20:08

Knap Yohani knap man....


Dirk

Plaats reactie